Christian Rudder, Wie we zijn wanneer we denken dat niemand kijkt, vertaald door Annoesjka Oostindiër en uitgegeven bij Uitgeverij Atlas Contact (oorspronkelijk titel: Dataclysm: Who We Are (When We Think No One’s Looking).
Wiskunde, maar ook weer niet…
Big Data. Ja, zo zou je het boek kunnen marketen. Het siert Atlas Contact dat ze daar niet voor kiezen, en ik ga dat dus evenmin doen. Maar toch een paar disclaimers. Ja, er komen getallen in voor. Ja, er staan aardig wat grafieken en tabellen in. En ja, het is geschreven door een wiskundige (van Harvard nog wel) die later de datingsite OkCupid oprichtte, maar misschien is dat voor andere mensen juist een extra aanbeveling voor dit boek. Denk bij grafieken bijvoorbeeld aan kenmerkende woorden die blanke Amerikaanse vrouwen op een datingsite gebruiken om zichzelf te beschrijven (blauwe ogen, vierwielaandrijving, country girl, wat best goed past bij de klaarblijkelijke voorliefde voor houthakken van blanke mannen), wat de automatische aanvulfunctie van Google ons kan vertellen (volgens Rudder in ieder geval dat het homohuwelijk over een aantal jaar breder geaccepteerd zal zijn) en of homo’s en hetero’s op een datingsite eigenlijk naar dezelfde dingen op zoek zijn — en zo ja, welke dingen: een jong ding, een rijke vent of een onenightstand? Rudder doet er niet geheimzinnig over dat hij experimenten heeft uitgevoerd op OkCupid, waaronder een ‘Liefde is blind’-dag. Wat bleek? Je zou denken dat iemands foto het allerbelangrijkst is, maar misschien zijn mensen wel eerder op zoek naar ‘een agnostische, linkse, niet-rokende hondenliefhebber zonder kinderen, die uiteraard ook goed is in bed’, los van hoe diegene eruitziet. Verder lezen Net uit: Wie we zijn wanneer we denken dat niemand kijkt

Katharine Meyer werd in juni 1917 geboren, ging naar school, bezocht Vassar College, studeerde in Chicago, versloeg als kersvers journaliste de vakbondsconflicten in San Francisco, begon bij The Washington Post nadat haar vader het zieltogende lokale sufferdje op een veiling had gekocht, trouwde met Phil Graham, werd na diens tragische zelfmoord de eigenaresse van de krant, publiceerde de Pentagon Papers, steunde Woodward en Bernstein tijdens Watergate, kende iedereen die ertoe deed in de Amerikaanse en de wereldpolitiek, ontwikkelde zich tot spin in het web van het politieke, maatschappelijke en artistieke leven in Washington, maakte van de Post een van de beste kranten in de Verenigde Staten en werkte een paar jaar aan haar eigen memoires, die ze in 1997 uitgaf en waarvoor ze een jaar later de Pulitzer Prize kreeg. Een veelbewogen leven in één zin. Zelf had ze er een paar meer nodig, maar ze vertelde dan ook niet zomaar het verhaal van een leven, legt ze uit tijdens een
Als hondenliefhebber kreeg ik een Amerikaans boek in handen gestopt van iemand die professioneel met honden werkt. ‘Hier’, zei ze, ‘Leuk boek, moet je lezen.’ Al lezende werd ik steeds enthousiaster en ik vond het jammer dat het boek hier niet voor een breder publiek (lees: in het Nederlands) verkrijgbaar was. Omdat ik zelf vertaler ben, besloot ik uitgevers te bellen om ze er warm voor te krijgen. Helaas zonder succes.
De oude wegen: een voetreis van Robert Macfarlane, vertaald door Nico Groen en Marijke Versluys, uitgegeven bij
Het Teken. De lijkwade van Turijn en het mysterie van de opstanding door Thomas de Wesselow, vertaald door Huub Stegeman en uitgegeven bij
Boomerang, Wake up call voor de westerse wereld, door Michael Lewis, vertaald door Annoesjka Oostindiër en Meile Snijders, uitgegeven bij
Hoe denk je als een vleermuis, 35 echt interessante toepassingen van filosofie door Peter Cave, vertaald door Huub Stegeman en uitgegeven bij
Verzet en eendracht, De grote oorlog, 1914-1918 door Adam Hochschild, vertaald door Leen Van Den Broucke en Huub Stegeman en uitgegeven bij
Behalve als vertaalster werk ik in deeltijd bij het Sociaal en Cultureel Planbureau. Het SCP laat zijn publicaties regelmatig in het Engels vertalen, wat al sinds ruim twintig jaar meestal gedaan wordt door de Engelsman Julian Ross. Op 4 november 2010 bezocht Julian het SCP en vertelde hij de medewerkers van het bureau over zijn ervaringen met vertalen in het algemeen en met vertalen voor het SCP in het bijzonder. Ik was natuurlijk heel nieuwsgierig en had me meteen voor deze bijeenkomst aangemeld. Julian had een boeiend, humoristisch verhaal, vol anekdotes en leerzame voorbeelden.
Timothy Snyder, Bloedlanden, vertaald door Patty Adelaar en Ton Heuvelmans, uitgegeven bij