door Ignace Schretlen
Een koppoter is de eerste mensfiguur die kinderen tekenen. Dat gebeurt rond het derde levensjaar. De koppoter intrigeert en we zien dan ook dat vanaf deze fase veel ouders en wetenschappers in kindertekeningen geïnteresseerd raken. De sprong in de ontwikkeling is minder groot dan vaak wordt verondersteld: een koppoter bestaat uit onderdelen die tevoren los werden getekend: een cirkel, een paar streepjes en punten. Waar blijft de romp, is steevast de vraag? Het meest plausibele antwoord is al meer dan een halve eeuw geleden geopperd: het hoofd fungeert vermoedelijk ook als romp. We beleven nu eenmaal romp en hoofd als één geheel.
Ongeveer een kwart eeuw word ik al geboeid door koppoters en verzamel ik van alles rond dit boeiende thema. Koppoters komen niet alleen in kindertekeningen voor maar ook in klassieke, middeleeuwse, moderne en hedendaagse kunst, creatieve uitingen van mensen met een mentale handicap of psychiatrische aandoening, in rotskunst en primitieve culturen, in de wereld van reclame en design, in allerlei games, in strips, volksverhalen en literatuur, enzovoort. Koppoters kunnen symbool staan voor een ongecompliceerde, vrolijke wereld maar ook voor een lugubere, duistere wereld. Bij dat laatste kan worden gedacht aan Jheronimus Bosch en Pieter Bruegel de Oude; welke benaming toen werd gehanteerd voor menselijke gedrochten (grotesken) in de vorm van een koppoter is onbekend. Verder lezen Oproep: koppoters in andere talen

Jaren geleden kreeg het vertalersduo Van Santen en Vosmaer een boek aangeboden van ene Mark Z. Danielewski, een jonge Amerikaanse schrijver. House of Leaves (dat in de vertaling Het Kaartenhuis werd) was een ongewoon boek. Ten eerste was er het verhaal zelf, de geschiedenis van een jong stel dat een huis koopt in Virginia en na een tijdje ontdekt dat er vreemde dingen aan de hand zijn met het huis. Eerst proberen ze het nog op te lossen met feng shui, maar zonder succes. Het huis blijkt van binnen groter dan van buiten. Het heeft ingewanden waar je in kunt verdwalen, waar mensen door worden opgeslokt.
Wie regelmatig de stukjes op dit blog leest die verschijnen in de rubriek Net Uit, zou gemakkelijk tot de conclusie kunnen komen dat boekvertalers uitsluitend interessante, goed geschreven boeken onder handen krijgen, zij het met problemen op vertaalgebied. Boekvertalers doen hun best de stijl van de auteur zo goed mogelijk in een andere taal tot zijn recht te laten komen, ze peinzen lang over dat ene woord dat de auteur zo kundig daar heeft gebruikt en niet op een andere plek. Ze gaan helemaal op in het boeiende verhaal en leven mee met alle personages die zo goed uit de verf komen. Wanneer ze de vertaalde tekst opsturen, is het alsof ze afscheid nemen van een goede vriend.

Onlangs verschenen bij