<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Boekvertalers</title>
	<atom:link href="http://www.boekvertalers.nl/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.boekvertalers.nl</link>
	<description>Over het vak, de vertaler, de wereld en het boek</description>
	<lastBuildDate>Thu, 03 May 2012 08:29:30 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.3.2</generator>
		<item>
		<title>De staat van het e-boek</title>
		<link>http://www.boekvertalers.nl/2012/05/03/de-staat-van-het-e-boek/</link>
		<comments>http://www.boekvertalers.nl/2012/05/03/de-staat-van-het-e-boek/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 03 May 2012 08:29:30 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Richard Kwakkel</dc:creator>
				<category><![CDATA[column]]></category>
		<category><![CDATA[e-boeken]]></category>
		<category><![CDATA[politiek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.boekvertalers.nl/?p=8210</guid>
		<description><![CDATA[If you can’t beat them… Twee nieuwsfeiten. Het Britse ministerie van Cultuur, Media en Sport stelt de tenuitvoerlegging van de Digital Economy Act (DEA) na processen aangespannen door internet service providers voorlopig uit tot minimaal 2014. De DEA werd in 2010, in de nadagen van de Labourregering, door het parlement gejast en moest piraterij tegengaan. [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><strong>If you can’t beat them…</strong><br />
Twee nieuwsfeiten. Het Britse ministerie van Cultuur, Media en Sport stelt de tenuitvoerlegging van de Digital Economy Act (DEA) na processen aangespannen door internet service providers voorlopig uit tot minimaal 2014. De DEA werd in 2010, in de nadagen van de Labourregering, door het parlement gejast en moest piraterij tegengaan. De wet is vergelijkbaar met de Franse wet Hadopi (zie de reacties onder <a href="http://www.boekvertalers.nl/2011/12/01/verbod-op-illegaal-downloaden-een-poll/#comments" target="_blank">Verbod op illegaal downloaden</a>): internetgebruikers die herhaaldelijk illegaal materiaal downloaden waarop auteursrecht rust, krijgen een schriftelijke waarschuwing en lopen bij recidive het risico te worden afgesloten van internet. British Telecom en TalkTalk voerden begin maart voor het Hof van Appel aan dat de wet in strijd was met Europese richtlijnen, maar de rechters oordeelden anders: ‘<em>the Digital Economy Act is a lawful and proportionate response to the threat posed by online piracy</em>’. Toch heeft het ministerie besloten voorlopig tot 2014 te wachten met het effectueren van de eerste maatregelen.<span id="more-8210"></span></p>
<p><strong>…join them</strong><br />
Maar tijdens het symposium <a href="http://www.staatvanhetboek.be/" target="_blank">de Staat van het Boek</a>, dat op 23 en 24 april plaatsvond in Antwerpen en Amsterdam, betoogde Dirk De Clippeleir, voormalig platenbaas bij Universal en EMI, dat de strijd tegen piraten een verloren strijd is. Hij drukte boekenbazen op het hart niet dezelfde fouten te maken die platenbazen hebben gemaakt, en hield zijn gehoor elf pijnlijke lessen voor, waarvan ik hier de voornaamste opsom. Beschermen wat je hebt, is een slechte strategie. Vecht niet tegen de vijand, want de strijd tegen illegaal downloaden is niet te winnen, de piraten knokken terug en bovendien vervreemd je je daarmee van de jeugd, die de kant kiest van de piraat, niet die van de boekenbaas. Trek als één front op, als je optrekt, want in tijden van crisis moet je de krachten bundelen. Houd onafhankelijke detaillisten te vriend. Geloof niet in wonderen. Geef producten van waarde niet voor niks weg. En de belangrijkste les: zorg voor competente managers en bedenk dat een goede artistiek manager niet per definitie ook een goede algemeen manager is.</p>
<blockquote><p>Toen de crisis toesloeg, stonden we met onze gat bloot en dat was geen schoon gezicht. De muziekindustrie is aan zijn doodsstrijd bezig &#8211; de beurswaarde van Spotify is groter dan die van alle platenmaatschappijen bij elkaar &#8211; maar is dat erg? Objectief gezien niet. Er wordt meer muziek gemaakt dan ooit tevoren. Alleen is de muziekindustrie niet meer de drijvende kracht in dat hele proces. Zij is naar de rand geduwd. Ik hoop dat jullie als uitgevers er wel in slagen in het centrum van de ontwikkelingen te blijven, dat je jezelf niet laat marginaliseren. Dat vergt het maken van harde keuzes.</p></blockquote>
<p><strong>Verdienmodel</strong><br />
Maar wat dan? Wat betekent dat voor de maker, de boekvertaler in dit geval? Het oude verdienmodel is dood, leve het nieuwe verdienmodel! Maar de muziekindustrie heeft geen nieuw verdienmodel, zegt De Clippeleir. Steve Jobs werd als verlosser binnengehaald, maar iTunes kon het oude verdienmodel niet redden, en Spotify krijgt dat volgens hem ook niet voor elkaar. De muziekindustrie is dood, maar de muziek zélf is springlevend. </p>
<p>Is de boekenwereld de muziekwereld? Of gaat de vergelijking tussen muzikant en boekvertaler mank? Leven boeken en e-boeken op als de boekenindustrie dood is? Het papieren boek is een beleving, een feest voor de zinnen: de geur van een boek dat je voor het eerst openslaat, het papier ruw aan je vingertoppen, het ritselen van de bladzijden, de geruststellende aanwezigheid op je nachtkastje, de knak van het ruggetje als je halverwege bent… &#8216;Er zal altijd een markt zijn voor het papieren boek,&#8217; hoor je overal. Maar zeiden ze dat vroeger niet ook van de lp, de cassette, de cd? Een musicus kan optreden, een boekvertaler niet. Ja, hij kan voor een fles wijn een praatje houden over zijn auteur, in de bibliotheek, in een half gevuld zaaltje, want ook de bibliotheken zijn druk op zoek naar het winnende verdienmodel. De hele boekenbranche is op zoek naar het winnende verdienmodel.</p>
<p><strong>Daad van verzet of ordinaire diefstal?</strong><br />
En zolang dat nog niet is gevonden en er rond illegaal verworven content een sfeer van spannend verzet tegen de graaiers en croesussen van de Grote Boze Entertainmentindustrie hangt, zullen boekenbazen worden verguisd, piraten vereerd en makers gedupeerd. Laatst schreef iemand me: ‘De entertainmentindustrie kon zo groot en machtig worden omdat makers die industrie nodig hadden voor het kunstje dat ze zelf niet beheersen. Die tijd is nu voorbij. Het internet opent nieuwe wegen voor makers om hun publiek zónder tussenkomst van derden te bereiken.&#8217;</p>
<p>Maar is dat ook zo?</p>
<p>Ik kan als vertaler inderdaad in rechtstreeks contact met een schrijver een vertaling verzorgen en die vervolgens als e-boek aanbieden. Dat gebeurt ook al. Ik moet dan een businessplan maken voor die uitgave, zelf met de schrijver, diens agent of uitgever onderhandelen over percentages, een contract opstellen, een persklaarmaker inschakelen, de e-drukproef laten controleren, een verkoopkanaal vinden, mijn vertaling promoten en de royalty-inkomsten beheren. En uiteindelijk zal ik een keer naar de Buchmesse moeten om nieuw talent op te sporen… In de ideale wereld zaken die – in ieder geval deels – tot de kerncompetentie van de uitgever behoren. Maar wat kan de boekvertaler-ondernemer, of laat ik dat omdraaien: wat kan de ondernemer-boekvertaler verwachten te verdienen als de markt waarop hij opereert wordt overspoeld met illegaal aanbod? ‘Driekwart Nederlandse e-books gekraakt op net’ kopte <a href="http://www.nrc.nl/boeken/2012/02/01/driekwart-nederlandse-e-books-gekraakt-op-net/ " target="_blank">NRC boeken</a> op 1 februari naar aanleiding van de radiodocumentaire <a href="http://www.radio1.nl/hollanddocradio?on=2012-02-05" target="_blank">De laatste bladzijde?</a> van Jeroen van Bergeijk. Welke boekvertaler met een greintje gezond verstand investeert drie, vier, vijf en soms nog meer maanden in het maken van een vertaling, als er van elk legaal verkocht e-boek drie illegaal over de virtuele toonbank gaan? Om uit de kosten te komen, is dan een onrealistisch hoge oplage nodig.</p>
<p>Elk illegaal aangeboden en verkocht – of weggegeven! – e-boek betekent voor de schrijver of vertaler derving van over het algemeen toch al karige inkomsten. E-boeken illegaal afnemen is geen protest tegen een te beperkt, te weinig gevarieerd, of te duur aanbod, het is geen daad van gerechtvaardigd verzet, het is geen burgerlijke ongehoorzaamheid, het is en blijft ordinaire diefstal! </p>
<p><small>Bronnen: <a href="http://www.lemonde.fr/technologies/article/2012/04/27/royaume-uni-la-loi-contre-le-telechargement-illegal-repoussee_1692525_651865.html" target="_blank">Le Monde</a>, <a href="http://www.zdnet.co.uk/news/intellectual-property/2012/04/26/dea-anti-piracy-measures-delayed-until-2014-40155111/" target="_blank">ZDNet</a> en <a href="http://www.bibliotheekblad.nl/rubrieken/artikel/1000002336" target="_blank">Bibliotheekblad</a>.</small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.boekvertalers.nl/2012/05/03/de-staat-van-het-e-boek/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Deuren</title>
		<link>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/23/deuren/</link>
		<comments>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/23/deuren/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 23 Apr 2012 07:32:07 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Maarten van der Werf</dc:creator>
				<category><![CDATA[Citaten]]></category>
		<category><![CDATA[column]]></category>
		<category><![CDATA[De verbazing]]></category>
		<category><![CDATA[opinie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.boekvertalers.nl/?p=8195</guid>
		<description><![CDATA[Wij vertalers vallen vaak niet zo op. In stilte en bescheidenheid doen we ons werk, en we vinden dat vanzelfsprekend, want onze taak is een dienende: wij maken het werk van anderen toegankelijk in onze taal. Sommige lezers zien ons, andere zien ons niet. En van sommige auteurs krijg je medewerking en van andere niet. [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Wij vertalers vallen vaak niet zo op. In stilte en bescheidenheid doen we ons werk, en we vinden dat vanzelfsprekend, want onze taak is een dienende: wij maken het werk van anderen toegankelijk in onze taal. Sommige lezers zien ons, andere zien ons niet. En van sommige auteurs krijg je medewerking en van andere niet. Maar er zijn auteurs die ons dankbaar zijn en die dat ook uit durven spreken. De Amerikaanse schrijfster Nina Sankovitch* is een van hen:</p>
<blockquote><p><em>We owe thanks to the literary translators. Huge thanks. Through meticulous and exacting work, carried out in obscurity and often in utter anonymity, these magicians of language open the door to whole new book stacks of wonder; they gift us with new ways of experiencing an expanded world, and new avenues of sharing the human experience. Literary translators dismantle barriers of ignorance and allow us to enter at will into environments that are new in setting, landscape, and atmosphere, and yet familiar in the explored experiences of love, loyalty, duty, humor, deceit, betrayal, fear, despair, and resilience.</em></p></blockquote>
<p>Dat is iets om trots op te zijn.<span id="more-8195"></span></p>
<p>Dat we zelden in de schijnwerpers staan, vinden de meesten van ons niet zo erg. We verbergen ons graag achter ons beeldscherm om ons kluizenaarswerk te doen, liever dan in het middelpunt van de belangstelling te staan. Toch is het fijn om zo’n compliment te krijgen, eens van een ander te horen dat je werk belangrijk is, dat het deuren opent naar nieuwe werelden. Op onze beurt onze dank. Laat ons een moment genieten, vóór we onze plaats weer innemen achter ons toetsenbord.</p>
<p>Maar daar moet het niet bij blijven. Het is ook goed om dit verhaal te vertellen. Want veel lezers lijken zich niet te realiseren dat boeken worden vertaald door mensen van vlees en bloed, die daar soms maandenlang mee bezig zijn. Die over veel kennis moeten beschikken om dat tot een goed einde te brengen. En die daarmee deuren openen naar nieuwe werelden.</p>
<p>En aan wat men niet weet, kan men ook geen belang hechten. Tot het er niet meer is.</p>
<p>Tot die deuren naar die andere werelden zich weer hebben gesloten.</p>
<p>Misschien moeten we dat maar niet laten gebeuren.</p>
<p>* Het artikel &#8216;Thanking the translators&#8217; van Nina Sankovitch staat in <a href="http://www.huffingtonpost.com/nina-sankovitch/book-translators_b_1366825.html" target="_blank"><em>The Huffington Post</em></a>.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/23/deuren/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Net uit: Het weeshuis – interview met Franck Thilliez</title>
		<link>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/18/net-uit-het-weeshuis-interview-met-franck-thilliez/</link>
		<comments>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/18/net-uit-het-weeshuis-interview-met-franck-thilliez/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 18 Apr 2012 10:10:05 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Richard Kwakkel</dc:creator>
				<category><![CDATA[Eigen werk]]></category>
		<category><![CDATA[Interviews]]></category>
		<category><![CDATA[thriller]]></category>
		<category><![CDATA[uit!]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.boekvertalers.nl/?p=8135</guid>
		<description><![CDATA[Het weeshuis van Franck Thilliez, vertaald door Richard Kwakkel en uitgegeven bij Sijthoff (oorspronkelijke titel: Syndrome [E]) De schrijver Franck Thilliez, net als collega-thrillerauteurs Jean-Christophe Grangé en Maxime Chatham* wel de ‘Stephen King français’ genoemd, schreef een tweeluik over de bron van het Kwaad. Het weeshuis is het eerste luik. Aan luik twee, Gataca, werk [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.boekvertalers.nl/weblog/wp-content/uploads/2012/04/RIKFTHGA-omslag.jpg" alt="" title="Franck Thilliez – Het weeshuis [omslag]" width="220" height="337" class="alignright size-full wp-image-8137" /><em>Het weeshuis</em> van Franck Thilliez, vertaald door <strong>Richard Kwakkel</strong> en uitgegeven bij <a href="http://www.uitgeverijsijthoff.nl/component/option,com_books/task,book/id,1711/Itemid,3/" target="_blank">Sijthoff</a> (oorspronkelijke titel:<em> Syndrome [E]</em>)</p>
<p><strong>De schrijver</strong><br />
Franck Thilliez, net als collega-thrillerauteurs Jean-Christophe Grangé en Maxime Chatham* wel de ‘<em>Stephen King français</em>’ genoemd, schreef een tweeluik over de bron van het Kwaad. <em>Het weeshuis</em> is het eerste luik. Aan luik twee, <em>Gataca</em>, werk ik als ik geen blogstukjes over luik één schrijf. De twee boeken vormen elk een afgesloten geheel en kunnen los van elkaar worden gelezen: je kunt deel twee lezen zonder deel een te hebben gelezen (maar, eh, tussen jullie en mij gezegd en gezwegen: ik zou ze gewoon allebei lezen, in de goede volgorde).</p>
<p>Iedere thrillerliefhebber moet Thilliez hebben gelezen, al is het maar één keer in zijn leven. Als een renaissancemeester schildert hij landschappen en personages, in al hun psychologische complexiteit. Hij geeft het begrip &#8216;luguber&#8217; nieuwe, onvermoede dimensies. Angst en spanning mogen de lezer niet loslaten, dat is het doel dat Thilliez bij elke pagina nastreeft. Lees er meer over in het interview dat ik met hem had.<span id="more-8135"></span></p>
<p><strong>Het boek</strong><br />
Ludovic Sénéchal is filmgek. Hij reist naar Luik, waar iemand een verzameling oude rolprenten verkoopt. Tussen de filmblikken ontdekt hij een oude, anonieme film. Zijn nieuwsgierigheid is gewekt. Hij koopt de film voor een prikkie, keert huiswaarts, sluit zich op in zijn eigen filmzaaltje, door hem wel vertederd zijn &#8216;vestzakbioscoop&#8217; genoemd, zet de film aan en is even later stekeblind. Op de tast vindt hij zijn mobieltje, toetst op goed geluk een nummer in en krijgt zijn ex aan de lijn, Lucie Henebelle, die we nog kennen van <em>Het gruwelhuis</em>, toen ze nog een eenvoudig brigadiertje in Duinkerken was. Ze heeft promotie gemaakt en is nu rechercheur in Lille. Ze laat haar ex opnemen en gaat achter de reden van zijn raadselachtige blindheid aan. Het is het begin van een macabere speurtocht naar de bron van het Kwaad.</p>
<p><strong>De vertaling</strong><br />
Bij elke vertaling loop je tegen problemen op. Bij Franse teksten bijvoorbeeld het feit dat Fransen liever vousvoyeren dan wij en dat ze in organisaties als politie en recherche gevoeliger zijn voor hiërarchie. Thilliez doet bovendien grondig research, wat betekent dat je je als vertaler moet inlezen in de meest uiteenlopende onderwerpen, deze keer met name film en hersenfysiologie.</p>
<p>En de vraag waar ik bij elke thriller mee worstel: hoe vertaal je het op het eerste gezicht eenvoudige woordje <em>flic</em>? Wout? Smeris? Klabak? Diender? Stille? Rus? Kip? Juut? Tuut? Koddebeier? Flik? Sommige termen zijn te archaïsch voor een moderne thriller, andere te streektalig. Wordt ‘flik’ door politieseries als <em>Flikken Gent</em>, <em>Flikken Maastricht</em>, <em>Flikken Antwerpen</em> – <em>Flikken goes CSI</em> &#8211; ook door boven-Moerdijkers al Nederlands genoeg bevonden? Dan zou ‘flik’ of zelfs ‘flic’ het verhaal de broodnodige couleur locale kunnen verlenen. Ik, Utrechter, ken wouten gewoon als ‘wouten’. Van Dale noemt het dan ook ‘gewestelijk’ en Wikipedia somt in dat verband Noord-Brabant, de kop van Overijssel en de regio Den Haag op. En Utrecht dan? Maar dit is misschien een onderwerp dat ik beter in een ander blogstukje kan uitdiepen.</p>
<p><strong>Het interview</strong><br />
Ik vroeg Franck Thilliez of hij ter gelegenheid van het verschijnen van <em>Het weeshuis</em> een paar vraagjes wilde beantwoorden om zijn Nederlandse lezers vertrouwd te maken met zijn werk. Dat deed hij graag. Eerder verschenen Nederlandse interviews met hem op de website van <a href="http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=3J3BAF9E" target="_blank">De Standaard deluxe</a> (2011) en <a href="http://www.crimezone.nl/web/Interviews/Artikel/Interview-Franck-Thilliez.htm" target="_blank">CrimeZone</a> (2008).</p>
<p>[<strong>RK</strong>] Niets ten nadele van <em>le plat pays</em>, ik woon er zelf, en Danny Boon heeft bewezen dat het leven tussen de Ch’tis een feest kan zijn, maar wat bezielt een mens een pittoresk oord als Annecy in te ruilen voor Nord-Pas-de-Calais? Zocht je bewust naar het soms desolate decor dat je in <em>La chambre des morts</em> (<em>Het gruwelhuis</em>) zo beeldend omschrijft?</p>
<blockquote><p>[<strong>FT</strong>] Ik had daar niks over te zeggen! Mijn ouders en grootouders hebben altijd in het noorden gewoond. Mijn vader en moeder waren voor hun werk naar Annecy verhuisd, maar keerden al snel weer terug. Ik ben dus een Ch’ti in hart en nieren, die toevallig in de Savoye is geboren.</p>
<p>Ik hou van Nord-Pas-de-Calais, van het gevarieerde landschap, de rijke geschiedenis, en ook in menselijk opzicht is het een interessante regio. Door het mijnbouwverleden, dat een uitermate donker stempel op het landschap en de geest van de mensen heeft gedrukt, vormt het een ideaal decor voor een thriller.</p>
<p>Alleen het weer, hè… Maar onze stranden worden tenminste niet overspoeld door toeristen!</p></blockquote>
<p>Hoe ben je schrijver geworden? Was het genre van de thriller een logische keuze?</p>
<blockquote><p class="centered"><div id="attachment_8162" class="wp-caption alignright" style="width: 266px"><img src="http://www.boekvertalers.nl/weblog/wp-content/uploads/2012/04/FThilliezportret.jpg" alt="" title="Franck Thilliez [portret]" width="256" height="257" class="size-full wp-image-8162" /><p class="wp-caption-text">foto: Didier Cohen</p></div></p>
<p>Rond 2000 ben ik begonnen met schrijven, nog niet zo lang geleden dus. Voor mij was schrijven vooral een manier om uiting te geven aan alle filmbeelden die ik sinds mijn tienerjaren had opgeslagen. Toen ik een jaar of 27, 28 was, begonnen zich scenario’s in mijn hoofd af te tekenen, met personages en een structuur. ‘Hm, dat verhaal zou een interessante film opleveren,’ zei ik toen tegen mezelf, ‘een film die ík leuk zou vinden!’ Ik had toen al werk [als ICT’er; noot van de auteur] en ik peinsde er niet over alles op te geven om een film te kunnen maken, want ik wist er niks vanaf. Toen dacht ik bij mezelf: dan schrijf ik het toch op… Ik ben achter mijn computer gekropen en gaan tikken. Zo is het begonnen. Toen ik mijn eersteling af had, bleek die in het genre ‘<em>polar</em>’ te passen, maar ik ben niet aan het werk gegaan met het doel een polar te schrijven. [De term ‘polar’ komt van het Frans ‘<em>policier</em>’, met een argot uitgang. Hij kwam in de jaren 70 van de vorige eeuw in zwang om politiefilms aan te duiden. Later werd de term ook voor politieromans gebruikt; nvda]</p></blockquote>
<p>Waar komt die belangstelling voor horror, seriemoordenaars en buitensporig geweld vandaan? Waar haal je met andere woorden de ideeën vandaan voor je psychologisch toch behoorlijk complexe thrillers?</p>
<blockquote><p>Als tiener zag ik veel van die polars in de bioscoop. Ik had een duidelijke voorkeur voor thrillers en griezelfilms. Ik voelde dan twee merkwaardige, volmaakt tegengestelde emoties: opwinding en angst. Aan de ene kant móést ik wel naar die films kijken, ik vond het leuk, maar aan de andere kant kwam ik na afloop doodsbang de bioscoop uit! De boeken van Stephen King hadden hetzelfde effect. Ik heb me vaak afgevraagd hoe het zat, met die dubbele emoties, en had bewondering voor schrijvers en cineasten die zo’n effect konden oproepen. Elke keer dat ik als schrijver een verhaal uitdenk, probeer ik het in dat schema uit mijn jonge jaren te passen. Dat is denk ik wat lezers van thrillers diep in hun hart gemeen hebben: het leuk vinden om jezelf de stuipen op het lijf te jagen.</p>
<p>En die complexiteit komt natuurlijk voort uit mijn verwrongen geest! Nee, maar zonder gekheid, ik ben een echte bèta en dol op wis- en natuurkunde, ingewikkelde logische problemen en ik probeer verhalen te schrijven over dat soort thema’s.</p></blockquote>
<p>Als we <em>Vertige</em>, je nieuwste roman, je eersteling <em>Conscience animale</em>, en de novelles <em>La couleur des ténèbres</em> en <em>Ouroboros</em> in de bundel <em>L’empreinte sanglante</em> meetellen, heb je 13 titels op je naam staan**. Een omineus getal. Waar haal je de inspiratie vandaan om elk jaar minimaal één complexe <em>polar</em> te schrijven?</p>
<blockquote><p>Ik werk gewoon keihard. Toen ik nog een baan had bij een bedrijf schreef ik wanneer ik tijd had, meestal ‘s avonds, in het weekend en tijdens de vakantie. En in die tijd lukte het me al om een boek per jaar te schrijven. Ik schrijf nu fulltime, maar heb het werkritme van toen ik nog werknemer was altijd aangehouden. Over het algemeen schrijf ik alleen doordeweeks, van halfnegen tot vijf. Dat zijn redelijk lange dagen voor een activiteit als schrijven, maar ik schiet daardoor wel op. Ik breng elk jaar een thriller uit, behalve bij <em>Syndrome [E]</em> (<em>Het weeshuis</em>) en <em>Gataca</em>, die met een tussentijd van zes maanden zijn verschenen. Die twee boeken vormen één geheel, alsof ik een dikke roman van 900 bladzijden heb geschreven.</p>
<p>En wat ook tijd scheelt: terugkerende personages [Lucie Henebelle en Franck Sharko, bijvoorbeeld; nvda]. Het kost veel tijd om een personage uit te werken, dus als je een eenmaal ontwikkeld personage laat terugkeren, kun je die etappe overslaan. Dat kan zomaar weken schelen…</p></blockquote>
<p>Ik wil de lezers een beetje vertrouwd maken met de persoon Franck Thilliez. De site <a href="http://www.polarnoir.fr/interview.php?auteur=t4" target="_blank">Pol’art noir</a> bracht me op een idee. Waar denk je aan bij de volgende zaken, en waarom?</p>
<p>Een belangrijk boek</p>
<blockquote><p><em>De groene mijl</em> van Stephen King voor mijn eigen genre [<em>The Green Mile</em>, vertaald door Hugo Kuipers; nvda], en <em>De mijn</em> van Émile Zola voor literatuur meer in het algemeen [<em>Germinal</em>, vertaald door Jan Versteeg; nvda]</p></blockquote>
<p>Een film die een onuitwisbare indruk heeft gemaakt</p>
<blockquote><p><em>Schindler&#8217;s List</em></p></blockquote>
<p>Een indrukwekkende man of vrouw</p>
<blockquote><p>Albert Einstein, Marie Curie</p></blockquote>
<p>Een bepalende gebeurtenis in de geschiedenis</p>
<blockquote><p>De explosie van de kerncentrale bij Tsjernobyl. Ik zeg dat omdat ik daar uitgerekend op dit moment uitgebreid onderzoek naar doe…</p></blockquote>
<p>Wat ligt er nu op je nachtkastje?</p>
<blockquote><p><em>Raphael, derniers jours</em> van Gregory Mcdonald [<em>The Brave</em>, niet vertaald; nvda] en <em>Blue Jay way</em>, van Fabrice Colin [<a href="http://www.sonatine-editions.fr/Blue-Jay-Way" target="_blank">Colins eerste thriller</a> , nog niet vertaald; nvda]</p></blockquote>
<p><em>Syndrome [E]</em> en <em>Gataca</em> zijn een tweeluik waarin je even onverdroten als je helden Lucie Henebelle en Franck Sharko het spoor volgt naar de bron van het Kwaad, met een hoofdletter K. Je werkt je personages grondig uit. Ze hebben een ziel, ze worstelen met twijfels en onzekerheden, de donkere kant van hun eigen psyche. &#8216;<em>J’adore les récits de l’extrême</em>&#8216; zeg je in <a href="http://www.mandor.fr/archive/2011/10/14/franck-thilliez-interview-pour-vertige.html" target="_blank">een interview met François Alquier</a>. Schrijf je daarmee je eigen fascinatie voor de duistere kant van de psyche van je af? Is schrijven een loutering, een psychologische noodzaak, of denk je tijdens het schrijven vooral aan je lezers?</p>
<blockquote><p>Iets van allebei, denk ik. Ik denk dat alle romanschrijvers hetzelfde zullen zeggen: ze schrijven om de stortvloed aan ideeën, emoties en beelden weg te laten vloeien. Schrijven helpt om die energie te kanaliseren, naar buiten te geleiden en je weer het gevoel te geven dat je lekker in je vel zit. Het is net als sporten of schilderen, het is een manier voor je lichaam, voor je geest, om zich te uiten. Op een gegeven moment had ik veel te veel beelden in mijn hoofd, en die moesten eruit.</p>
<p>Maar ik schrijf al die verhalen ook voor mijn lezers, dat is nu zelfs mijn prioriteit geworden: zorgen dat mijn lezers het leuk vinden en diezelfde emoties voelen als ik voel. Bij elke zin, bij elke alinea stel ik mezelf de vraag: ‘Gaat mijn lezer hier plezier aan beleven? Wat verwacht hij van me op dit moment in het verhaal?’ Een thriller schrijven is een speels contract tussen een schrijver en een lezer.</p></blockquote>
<p>Wist je, toen je de eerste letter van <em>Syndrome [E]</em> op papier zette, al hoe het in <em>Gataca</em> zou aflopen? Had je alles in gedachten al beleefd? Had je de plot en de psychologie van je hoofdpersonen in een strak schema uitgewerkt, of ontglipten de ontwikkelingen daarvan aan je eigen fantasie en ontstond er een soort dialoog tussen jou en je personages? Met andere woorden: hoe ga je te werk bij het schrijven?</p>
<blockquote><p>Ik kreeg het idee voor <em>Gataca</em> toen ik met <em>Syndrome [E]</em> bezig was. Ik had me vastgebeten in het thema ‘geweld’ en besefte dat het veel te breed was om in een enkel boek te behandelen. Tijdens het schrijven kwam ik tot de conclusie dat mijn twee helden, Lucie Henebelle en Franck Sharko, nog enorm veel te vertellen hadden. Er drong zich dus een deel twee op. In <em>Syndrome [E]</em> behandel ik het hedendaagse geweld, en hoe het zich via beelden over de wereld verspreidt. In <em>Gataca</em> staat de tijd centraal: hoe is geweld doorgegeven van de allereerste naar de moderne mens? Langs culturele of genetische weg? Het zijn heel verschillende boeken, maar ze vullen elkaar wel aan.</p>
<p>Over het algemeen werk ik inderdaad alle details uit voor ik begin te schrijven. Ik lees me in, diep de onderwerpen die ik wil behandelen grondig uit en visualiseer mijn personages, hun uiterlijk, hun verleden, hun psychologie. Voor Sharko en Henebelle lag dat iets anders, omdat die al bestonden, in eerdere romans, waar ze onafhankelijk van elkaar een ontwikkeling doormaakten. In <em>Syndrome [E]</em> ontmoeten ze elkaar. En die ontmoeting kreeg pas echt vorm tijdens het schrijven, omdat ik de ontwikkeling van hun relatie van tevoren nog niet goed voor me zag. Als je voorafgaand aan het schrijven je personages zo goed mogelijk probeert te leren kennen, je hun gedrag eigen maakt, ontvouwt hun relatie zich tijdens het schrijven vanzelf door de manier waarop ze op elkaar reageren. Soms ontsnappen ze daarbij aan het scenario dat je in je hoofd had en kun je weinig anders doen dan volgen! [Lucie Henebelle speelt een rol in <em>Het gruwelhuis</em>, <em>Het einde van Pi</em> en nu dus samen met collega Sharko in <em>Het weeshuis</em>; Franck Sharko is de hoofdrolspeler in de niet vertaalde boeken <em>Conscience animale</em> en <em>Deuils de miel</em>; nvda]</p></blockquote>
<p>In <em>Syndrome [E]</em> laat je je niet echt vleiend uit over de Egyptische politie. Linkshandige lezers zouden bij <em>Gataca</em> hun wenkbrauwen kunnen optrekken. Houd je bij het schrijven rekening met dat soort gevoeligheden? Krijg je er reacties op van lezers? Laat je je door reacties van lezers leiden bij je werk?</p>
<blockquote><p>Ja, ik krijg veel reacties. Gelukkig wel! Maar ik doe de waarheid geen geweld aan. De Egyptische politie is zoals ik het beschrijf, dat hebben we wel gezien tijdens de opstanden in Egypte: de politie was het voornaamste doelwit en veel politiebureaus zijn geplunderd.</p>
<p>Nadat ze <em>Gataca</em> hadden gelezen, vroegen veel linkshandigen me of het waar was wat ik had geschreven [<em>Gataca</em> verscheen in Frankrijk in 2011, linkshandigheid staat centraal; nvda]. De meesten pakken het goed op, lachen erom en hebben er begrip voor. Ik heb regelmatig discussies met lezers en vanzelfsprekend houd ik rekening met alles wat ze me vertellen, want voor mij is dat een stap vooruit. Als een lezer uitlegt wat hij minder vond aan dit of dat boek, probeer ik te achterhalen waarom en wat ik had moeten veranderen om ervoor te zorgen dat de lezer in kwestie wél plezier had beleefd aan het boek. Ik zei het al, een thriller is een contract, een spel tussen lezer en schrijver met duidelijke spelregels: een maximum aan genot en huivering opwekken.</p></blockquote>
<p>Research. Als vertaler merk ik elke keer dat je goed op de hoogte bent met de materie die je behandelt. Of het nou de wereld van preparateurs is, de sectiezaal, of de wiskunde. Sommige thrillerschijvers bezoeken de <a href="http://web.utk.edu/~fac/" target="_blank"><em>Body farm</em></a> van de antropoloog Williamn Bass in Knoxville om hun fantasie te voeden met achtergronden en nieuwe ideeën. In <em>Syndrome [E]</em> zijn het film, forensisch onderzoek en hersenfysiologie… Hoe ver ga je zelf bij je research? Dompel je je als een soort cultureel antropoloog onder in bijvoorbeeld de wereld van politie en recherche om die zo getrouw mogelijk weer te geven?</p>
<blockquote><p>Elk boek kost me ongeveer vier maanden aan research. Ik moet veel lezen – specialistische boeken en tijdschriften, proefschriften – om me het (vaak wetenschappelijke) universum eigen te maken dat ik later wil overbrengen. Dat is de basis, het voetstuk waar de rest op rust, maar dat is op zich nog niet genoeg. Om mijn personages en mijn kennis te verdiepen, of om antwoorden te vinden die niet in de literatuur staan, praat ik met specialisten en deskundigen. Artsen, neurologen, filmproducers, historici… Net als een journalist zou doen. Het is puur onderzoekswerk, en dat vind ik ook belangrijk. Het schrijven stelt me in staat in onderwerpen te duiken die me interesseren en die ik als loonslaaf nooit zo diepgravend had kunnen verkennen.</p>
<p>Je moet er natuurlijk wel van houden. En daar komt mijn wetenschappelijke opleiding me van pas: op school heb ik geleerd alles tot op de bodem uit te zoeken, door te graven tot je het probleem begrijpt en een oplossing in zicht komt.</p>
<p>In de loop van de boeken heb ik een aardig kringetje informanten opgebouwd: rechercheurs, rechters, pathologen, onderzoekers, noem maar op. Door die mensen winnen mijn verhalen aan realisme.</p></blockquote>
<p>Heb je veel contact met je vertalers? Hoeveel zijn het er inmiddels? Waar worstelen ze mee?</p>
<blockquote><p>Ik word momenteel in 15 verschillende landen vertaald. Soms nemen vertalers contact met me op, bijvoorbeeld vanuit Spanje, Italië, Korea en de Verenigde Staten. En Nederland dus. Meestal stellen ze vragen over typisch Franse uitdrukkingen of gebruiken waar ze in het buitenland niet mee vertrouwd zijn. De Koreaanse vertaler kon zich bijvoorbeeld geen voorstelling maken van het Noord-Franse landschap, daarvoor was het te ver weg, daarvoor stond de cultuur te ver van hem af. Toen ik het over het ‘<em>bassin minier</em>’ had, wist hij niet wat hij zich daarbij voor moest stellen [<em>bassin minier</em>, letterlijk: ertsbekken, mijnstreek; nvda].</p>
<p>Ik vind het belangrijk om goede relaties te onderhouden met de vertalers, omdat een goede vertaling belangrijk is voor het boek, maar ook omdat het momenten zijn waarop we elk iets kunnen opsteken over de cultuur van de ander. Hoe dan ook, ik ben altijd graag bereid antwoord te geven op al hun vragen!</p></blockquote>
<p><em>La chambre des morts</em> is verfilmd. Met de rechten voor <em>La forêt des ombres</em> heeft de filmmaatschappij nog niets gedaan. Er lopen onderhandelingen over de verfilming van <em>Syndrome [E]</em>. Hoe is het om je boek op het grote scherm te zien? ‘Het boek was beter’?</p>
<blockquote><p>Ik heb niet meegeschreven aan het scenario van <em>La chambre des morts</em> [<em>Het gruwelhuis</em>], maar ik was wel steeds nauw betrokken bij de productie. Samen met de crew heb ik de plekken bezocht waar de roman zich afspeelde. Ze hebben me gevraagd hoe ik me de film zélf voorstelde, me alle versies van de scenario’s te lezen gegeven en voortdurend rekening gehouden met mijn positie als schrijver. En ik vond het een heerlijke film! Hij bleef trouw aan het universum dat ik in het boek had geschilderd en volgde het verhaal op de voet, op een paar aanpassingen na, die nu eenmaal noodzakelijk zijn voor de film. Het was al met al een heel positieve ervaring en ik heb veel opgestoken over de manier waarop woorden in beelden kunnen worden vertaald.</p>
<p>Op dit moment werkt iemand aan een filmbewerking van <em>La forêt des ombres</em> (<em>Schaduw van de beul</em>), maar het mooiste zit in het vat voor <em>Syndrome [E]</em>, dat een goede kans maakt voor film te worden bewerkt door een grote Amerikaanse productiemaatschappij. Maar het contract is nog niet getekend, dus meer wil ik er nog niet over kwijt…</p></blockquote>
<p>Je bent dit jaar juryvoorzitter van de <a href="http://www.prix-litteraires.net/prix/2010,prix-landerneau-polar.html" target="_blank">Prix Landerneau Polar</a> met als prijs een publiciteitscampagne in de pers en een bedrag van zesduizend euro. Voor <em>La chambre des morts</em> werd je in 2006-2007 onderscheiden met de Prix du polar en de Prix des lecteurs Quai du polar. Hoe voelt het om aan de andere kant van de jurytafel te zitten? Waar let je op bij de acht kandidaten?</p>
<blockquote><p>De Prix Landerneau Polar is een grote Franse prijs, in het leven geroepen door een grote supermarktketen [Leclerc; nvda]. De opzet is om een Franse schrijver in het zonnetje te zetten die een roman heeft geschreven die het verdient door zoveel mogelijk mensen gelezen te worden. Ik zit de jury inderdaad voor. De boekverkopers van de keten en ik komen in mei bij elkaar om de winnende roman uit te kiezen.</p>
<p>Het beoordelen van die boeken is heel eenvoudig: ik kruip gewoon in de huid van de lezer die ik zelf ben! De roman waar mijn voorkeur naar uitgaat – maar nogmaals, het zijn vooral de boekverkopers die de keuze bepalen – is domweg de roman die ik met het meeste plezier heb gelezen!</p></blockquote>
<p>Het e-boek is in opkomst. Net als het illegale aanbod ervan. <a href="http://www.gvu.de/25_173_BVMI_Boersenverein_und_GVU_stellen_gemeinsame_Studie_zur_Digitalen_Content_Nutzung_vor.htm" target="_blank">Onderzoek</a> in Duitsland door de Gesellschaft zur Verfolgung von Urheberrechtsverletzungen vorig jaar toonde aan dat ongeveer de helft van alle e-boeken in Duitsland uit illegale bron afkomstig is. Voor Nederland lopen diezelfde schattingen uiteen van 50 tot 70 procent. De Franse Hoge Autoriteit Hadopi <a href="http://www.hadopi.fr/actualites/agenda/presentation-du-rapport-d-activite-de-l-hadopi" target="_blank">stelde vast</a> dat 49 procent van de Franse internetgebruikers content uit illegale bron gebruikt. De helft van de Fransen zegft dat Hadopi ze ertoe heeft bewogen rekening te houden met het auteursrecht. Een deel van je inkomen is afkomstig uit de verkoop van e-boeken. Vind je de situatie zorgelijk? Denk je dat de Franse strategie van <em>three-strikes-you’re-out</em> werkt?</p>
<blockquote><p>Er is veel discussie over het e-boek de laatste tijd. Vanzelfsprekend voel ik me als schrijver zeer betrokken en worstel ik met een hoop vragen, net als andere mensen in het boekenvak.</p>
<p>Het is duidelijk dat we niet kunnen voorkomen dat er illegale e-boeken op de markt komen. Het illegale aanbod was desastreus voor de muziekindustrie, maar ik denk niet dat het voor de boekensector net zo erg zal zijn. Aan de ene kant omdat het papieren boek nog lange tijd zal bestaan. Het maakt niks uit of je muziek beluistert die je hebt gedownload of op cd hebt gekocht, maar er is een groot verschil tussen lezen van papier of van een e-reader. Aan de andere kant houd ik mezelf voor dat iedereen die een boek hackt er een lezer bij is, een lezer die anders misschien nooit een boek had gepakt, zoals lezers in de bibliotheek. Als ze verslingerd raken aan het werk van de schrijver, zullen ze de volgende keer niet wachten tot er een illegale versie op internet te vinden is, maar de nieuwste meteen kopen als die uit is, zelfs al is dat in elektronisch formaat.</p>
<p>Maar meer nog dan illegale e-boeken maak ik me zorgen over Amerikaanse giganten als Amazon en Google, die zullen proberen zich op te werpen als een wereldwijd platform voor downloads, en boeken tegen afbraakprijzen zullen verkopen, omdat uitgevers, als ze die bedrijven de kans geven, domweg geen andere keus meer hebben.</p>
<p>Als dat gebeurt, betekent dat het einde van boekhandels. En als schrijvers niet meer genoeg verdienen met hun auteursrecht, betekent dat het einde van boeken meer in het algemeen.</p></blockquote>
<p><small>* Grangé is voor De Geus vertaald door Floor Borsboom, Théo Buckinx, Joris Vermeulen en Jaap Sietse Zuierveld. Chathams bloedige universum is jammer genoeg nog niet ontsloten voor het Nederlandstalige publiek. Dames en heren uitgevers? Zoek anders even op Drouot, of Prix Sang d’Encre&#8230;</small></p>
<p><small>** Het oeuvre van Franck Thilliez, zie ook het lemma in de <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/Franck_Thilliez" target="_blank">Wikipedia</a>.<br />
<em>Conscience animale</em> (niet vertaald)<br />
<em>Train d’enfer pour Ange rouge</em> (niet vertaald)<br />
<em>La chambre des morts</em> (<em>Het gruwelhuis</em>)<br />
<em>Deuils de miel</em> (niet vertaald)<br />
<em>La forêt des ombres</em> (<em>Schaduw van de beul</em>)<br />
<em>La mémoire fantôme</em> (<em>Het einde van Pi</em>)<br />
<em>L’anneau de Moebius</em> (<em>De ring van Moebius</em>)<br />
<em>La couleur des ténèbres</em> (<em>De kleur van het duister</em>, vertaald door Anne van der Straaten)<br />
<em>Fractures</em> (<em>Dagbehandeling</em>)<br />
<em>Le syndrome [E]</em> (<em>Het weeshuis</em>)<br />
<em>Gataca</em> (wordt vertaald)<br />
<em>Ouroboros</em> in <em>L’empreinte sanglante</em> (niet vertaald)<br />
<em>Vertige</em> (niet vertaald)</small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/18/net-uit-het-weeshuis-interview-met-franck-thilliez/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>City2Cities – Internationale Literatuurdagen Utrecht</title>
		<link>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/16/city2cities-internationale-literatuurdagen-utrecht/</link>
		<comments>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/16/city2cities-internationale-literatuurdagen-utrecht/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 16 Apr 2012 07:40:04 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Richard Kwakkel</dc:creator>
				<category><![CDATA[agenda]]></category>
		<category><![CDATA[vertaalcultuur]]></category>
		<category><![CDATA[vertaalprijzen]]></category>
		<category><![CDATA[vertaalslag]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.boekvertalers.nl/?p=8124</guid>
		<description><![CDATA[Van 21 tot en met 29 april organiseren de Stichting Literaire Activiteiten Utrecht, het literair theater Salon Saffier, Poëziecircus en de Universiteit Utrecht de tweede editie van City2Cities. Negen dagen barstensvol speelfilms, concerten, theatervoorstellingen, lezingen en klinkende namen als Paul Auster, die zijn nieuwe boek presenteert, Barcelona-adept Herman Koch, de Tsjechische auteur Jáchym Topol, Abdelkader [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.boekvertalers.nl/weblog/wp-content/uploads/2012/04/City2Citieslogo.png" alt="" title="City2Cities [logo]" width="513" height="116" class="aligncenter size-full wp-image-8125" />Van 21 tot en met 29 april organiseren de <a href="http://www.slau.nl/">Stichting Literaire Activiteiten Utrecht</a>, het literair theater <a href="http://www.salonsaffier.nl/" target="_blank">Salon Saffier</a>, <a href="http://www.poeziecircus.nl/" target="_blank">Poëziecircus</a> en de <a href="http://www.uu.nl/Nl/Pages/default.aspx" target="_blank">Universiteit Utrecht</a> de tweede editie van <a href="http://www.city2cities.nl/" target="_blank">City2Cities</a>. Negen dagen barstensvol speelfilms, concerten, theatervoorstellingen, lezingen en klinkende namen als Paul Auster, die zijn nieuwe boek presenteert, Barcelona-adept Herman Koch, de Tsjechische auteur Jáchym Topol, Abdelkader Benali, Carlos Ruiz Zafón, schrijver van <em>De schaduw van de wind</em> (vertaling: Nelleke Geel), de Catalaanse schrijfster Mercedes Abad en Pulitzerprijswinnaar Mark Strand.</p>
<p>En natuurlijk is er ook aandacht voor vertalen!<span id="more-8124"></span></p>
<p><a href="http://www.city2cities.nl/evenementen/8" target="_blank"><strong>Nijhoffs Awater vertaald</strong></a><br />
Een meesterwerk uit de Nederlandse literatuur vertaald.<br />
Dinsdag 24 april, 17.00 uur, City2Cities Spiegeltent, op het plein voor de rechtbank bij de Korte Nieuwstraat 24, in samenwerking met het <a href="http://literairvertalen.org/" target="_blank">Expertisecentrum Literair Vertalen</a> en de master <a href="http://www.masterliterairvertalen.eu/" target="_blank">Literair Vertalen i.o.</a><br />
<strong>Toegang gratis</strong>.</p>
<p>De vertaling van <a href="http://www.dbnl.org/tekst/nijh004awat01_01/nijh004awat01_01_0001.php" target="_blank">Awater</a> in de talen van de gaststeden (Barcelona en Praag) is een traditie. Dit jaar is het gedicht vertaald in drie talen: Spaans, Catalaans en Tsjechisch. Vertaler Spaans Diego Puls en vertaalster Catalaans Mariona Vilalta vertellen over hun ervaring met het werk.</p>
<p><a href="http://www.city2cities.nl/evenementen/10" target="_blank"><strong>Uitreiking Filter Vertaalprijs 2012</strong></a><br />
Prijs voor de opvallendste vertaling van het jaar.<br />
Dinsdag 24 april, 20.00 uur, City2Cities Spiegeltent, op het plein voor de rechtbank bij de Korte Nieuwstraat 24.</p>
<p>De genomineerden zijn dit jaar:</p>
<ul>
<li><strong>Jeanine De Landtsheer</strong> voor haar vertaling uit het Latijn van <em>Spreekwoorden</em> van Desiderius Erasmus</li>
<li><strong>Barber van der Pol</strong> &#038; <strong>Maarten Steenmeijer</strong> voor hun vertaling uit het Spaans van <em>Alle gedichten</em> van Jorge Luis Borges</li>
<li><strong>Maarten Elzinga</strong> voor zijn vertaling uit het Frans van <em>De horizon</em> van Patrick Modiano</li>
<li><strong>Marcel Otten</strong> voor zijn vertaling uit het Oudijslands van <em>Edda</em> van Snorri Sturluson</li>
<li><strong>Hessel Daalder</strong> en <strong>Steven Van Luchene</strong> voor hun vertaling uit het Frans van <em>Over de democratie in Amerika</em> van Alexis de Tocqueville</li>
</ul>
<p>Ze geven elk een korte toelichting op hun werk en vertellen iets over hun lievelingsvertaling. Aan het eind van de avond wordt de winnaar bekendgemaakt.<br />
<strong>Toegang gratis</strong></p>
<p><iframe width="425" height="350" frameborder="0" scrolling="no" marginheight="0" marginwidth="0" src="http://maps.google.nl/maps?client=safari&amp;oe=UTF-8&amp;q=korte+nieuwstraat+24,+utrecht&amp;ie=UTF8&amp;hq=&amp;hnear=Korte+Nieuwstraat+24,+Binnenstad,+Utrecht&amp;gl=nl&amp;ll=52.088687,5.12267&amp;spn=0.007311,0.014098&amp;t=m&amp;z=14&amp;output=embed"></iframe><br /><small><a href="http://maps.google.nl/maps?client=safari&amp;oe=UTF-8&amp;q=korte+nieuwstraat+24,+utrecht&amp;ie=UTF8&amp;hq=&amp;hnear=Korte+Nieuwstraat+24,+Binnenstad,+Utrecht&amp;gl=nl&amp;ll=52.088687,5.12267&amp;spn=0.007311,0.014098&amp;t=m&amp;z=14&amp;source=embed" style="color:#0000FF;text-align:left">Grotere kaart weergeven</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/16/city2cities-internationale-literatuurdagen-utrecht/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Net uit: Stille wateren</title>
		<link>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/10/net-uit-stille-wateren/</link>
		<comments>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/10/net-uit-stille-wateren/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 10 Apr 2012 07:26:25 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Els Franci</dc:creator>
				<category><![CDATA[Eigen werk]]></category>
		<category><![CDATA[uit!]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.boekvertalers.nl/?p=8072</guid>
		<description><![CDATA[Stille wateren van Anne Berry, vertaald door Els Franci-Ekeler en uitgegeven bij De Kern (oorspronkelijke titel: The Water Children) Toen The Water Children mij ter vertaling werd aangeboden en ik de eerste alinea las, was ik meteen verkocht: 1961 It is the recipe for a perfect day. The sun beats down from a cloudless blue [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><em>Stille wateren</em> van Anne Berry, vertaald door <strong>Els Franci-Ekeler</strong> en uitgegeven bij <a href="http://romans.defonteintirion.nl/anne-berry-stille-wateren.html" target="_blank">De Kern</a> (oorspronkelijke titel: <em>The Water Children</em>)</p>
<p>Toen <em>The Water Children</em> mij ter vertaling werd aangeboden en ik de eerste alinea las, was ik meteen verkocht: </p>
<blockquote><p><em>1961<br />
It is the recipe for a perfect day. The sun beats down from a cloudless blue sky. The air fizzes with heat and salt. The sea glitters and shifts and curls and breaks along the three-mile stretch of pale, gold, Devonshire sand – Saunton Sands. It somersaults over mossy rocks and tangled tresses of tide wrack. It sends the beach into a nervous, excited jitter.</em></p></blockquote>
<p>Het was alsof ik terugkeerde in de tijd. Ik kon het warme strand bijna ruiken, voelde het mulle zand onder mijn sandalen, proefde op mijn lippen het zout dat door de zeewind werd aangevoerd: </p>
<blockquote><p>1961<br />
Alles wijst erop dat het een prachtige dag gaat worden. De zon brandt aan de strakblauwe hemel. De lucht prikkelt van warmte en zout. De glinsterende, rusteloze zee verheft zich tot golven die omslaan op het lange, bleke, gouden strand van Devonshire – Saunton Sands. De branding rolt bruisend over bemoste kiezels en warrig wier en brengt op het strand een nerveuze, opgewonden sfeer teweeg.</p></blockquote>
<p><span id="more-8072"></span></p>
<p><strong>Vier levens en het water</strong><br />
Ik keerde terug naar mijn eigen prille jeugd, naar zomers in Egmond aan Zee, waar mijn ouders een kar met strandspullen over het pad door de duinen trokken. De hele maand augustus speelde ik met mijn broer en zusje op het strand. Nog voel ik het zand tussen mijn kiezen knarsen als we onze boterhammen aten. Weer zie ik ons zandkastelen bouwen met onze emmertjes en kwallen in tweeën hakken met onze schepjes. Op dat strand ben ik als vierjarige eens verdwaald. Afgedwaald van de vertrouwde plek met de strandstoelen. Net zoals Sarah in het boek. Ik weet uit de verhalen hoe mijn ouders in paniek naar me gezocht hebben. Met mij is het uiteindelijk goed afgelopen. Ik ben niet verdronken, zoals Sarah, het vijfjarige meisje in <em>Stille wateren</em>, dat levenloos uit de zee werd opgevist, voor de ogen van haar broer, Owen, die op haar had moeten passen. Een jongen van acht die een te grote verantwoordelijkheid had gekregen en op deze fatale dag niet alleen zijn zusje, maar ook de liefde van zijn moeder verloor. </p>
<p><img src="http://www.boekvertalers.nl/weblog/wp-content/uploads/2012/04/BerryStilleWateren-omslag-195x300.jpg" alt="" width="195" height="300" class="alignright size-medium wp-image-8074" />Na dit aangrijpende eerste hoofdstuk van het boek maakt de auteur een sprong naar een ander jaar, 1963, en een ander gezin, waar de onzekere tienjarige Catherine in de kerstvakantie haar mooie nichtje Rosalyn te logeren krijgt en haar in een meertje in het bos door het ijs ziet zakken. Alhoewel Catherine haar uiterste best doet om Rosalyn in leven te houden, krijgt zij de schuld van het gebeuren.</p>
<p>En dan maakt de auteur weer een sprong, nu naar 1965 en Noami, een jonge vrouw, al volwassen maar gekweld door herinneringen aan haar wrede jeugd. Het verhaal gaat heen en weer tussen het heden en het verleden. Ook in Naomi’s leven speelt water een grote rol. De zee is haar vriendin. De zee zuivert haar, troost haar, omhelst haar, zorgt voor korte rustpunten in haar chaotische leven. Het is de tijd van de flowerpower, Woodstock, drugs en rock-’n-roll. Naomi trekt met haar vriend in een naar wiet stinkend Volkswagenbusje door heel Engeland, maar eens per week keert ze terug naar de zee om zich te laten zuiveren door het ijskoude, zoute water.</p>
<p>En dan is het 1976. Londen gaat gebukt onder de ergste hittegolf sinds mensenheugenis. In de benauwde, droge, stoffige stad ontmoeten Owen, Naomi en Catherine elkaar via Sean. Ierse Sean, een boerenzoon, die heel andere ervaringen met water heeft dan zij drieën. Sean heeft één grote liefde, de rivier de Shannon, waar hij zichzelf had leren zwemmen, ondanks dat zijn vader het had verboden, en ondanks dat er niemand uit het dorp ooit ging baden, omdat iedereen wist dat de rivier en de zee levens eisten:</p>
<blockquote><p>Uit zee kwamen de stormen die de oogst verwoestten, vissersboten lieten vergaan en geharde mannen met sterke, gespierde lichamen de dood in sleurden.</p></blockquote>
<p> In de broeierige hitte van de stad worstelen deze vier jonge mensen met de geheimen van hun verleden en dreigen ze elkaar in een web van sensualiteit en afgunst te vernietigen.</p>
<p><strong>Vertaalproblemen</strong><br />
Lang heb ik gepiekerd over de vertaling van het woord <em>Merfolk</em>. Owen wordt gekweld door dromen over wezens die uit het water opduiken om hem te grijpen:</p>
<blockquote><p>Eerst ving hij alleen maar een glimp van hen op, een flits van rioolwatergrijs, een plons, het geluid van hol gelach dat opsteeg als een zuil van uiteenspattende luchtbellen. Hij trok zijn knieën op en drukte zijn gezicht in het matras. Maar zelfs in de volslagen duisternis wisten hun lantaarnogen hem te vinden. Toen hij half verstikt zijn hoofd ophief om adem te halen, kwamen hun enge handen, met vliezen tussen de vingers, uit het water om hem te grijpen. Vol afgrijzen zag hij hun glinsterende lichamen kronkelen en wentelen, alsof er een reuzenslang rond zijn bedboot zwom. Hij gluurde in de diepte en zag hun haren als rubberachtig wier wuiven in de troebele stromingen. De oppervlakte van het water werd stukgebeten door hun scharende vissenbekken, door hun op uitgerekte wormen lijkende lippen, door de precieze beet van hun piranhatanden.</p></blockquote>
<p>Het Engelse woord <em>Merfolk</em> bestaat en wordt gebruikt voor allerlei griezelige zeewezens. Voor zover ik het heb kunnen nagaan, hebben wij er geen specifieke vertaling voor. Het woord ‘zeemeervolk’ zou een redelijke vertaling zijn geweest, maar de zeermeerminnen en –mannen die wij uit sprookjes kennen, zijn over het algemeen veel aardiger dan de wrede wezens uit Owens dromen. Je ziet dan meteen die schattige Ariel. Dat viel dus af. Iets met ‘monsters’ lag voor de hand, maar bij ‘zeemonsters’ denk je eerder aan octopussen en dergelijke. Vanwege het ‘holle gelach’ en de vingers met de vliezen moest het een woord worden dat het beeld oproept van een wezen dat veel menselijks heeft. Uiteindelijk heb ik ‘zee’ helemaal laten vallen en ben ik gaan nadenken over combinaties met ‘water’. Onder water. Wezens die onder water leven en uit het water naar boven komen om Owen te grijpen. En zo heb ik ten slotte gekozen voor ‘onderwatervolk’ en ‘onderwaterwezens’.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/10/net-uit-stille-wateren/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Net uit: Het Teken</title>
		<link>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/06/net-uit-het-teken/</link>
		<comments>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/06/net-uit-het-teken/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 06 Apr 2012 14:56:56 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Stegeman</dc:creator>
				<category><![CDATA[Eigen werk]]></category>
		<category><![CDATA[non-fictie]]></category>
		<category><![CDATA[uit!]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.boekvertalers.nl/?p=8052</guid>
		<description><![CDATA[Het Teken. De lijkwade van Turijn en het mysterie van de opstanding door Thomas de Wesselow, vertaald door Huub Stegeman en uitgegeven bij Unieboek/Het Spectrum (oorspronkelijke titel: The Sign. The Shroud of Turin and the Resurrection). De zoveelste samenzweringtheorie over de graal, de tempeliers of de lijkwade? Dat was ook mijn eerste reactie toen ik [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.boekvertalers.nl/weblog/wp-content/uploads/2012/03/HetTeken-198x300.jpg" alt="" title="Thomas de Wesselow-Het teken(stofomslag)@1.indd" width="198" height="300" class="alignleft size-medium wp-image-8053" /><em>Het Teken. De lijkwade van Turijn en het mysterie van de opstanding</em> door Thomas de Wesselow, vertaald door <strong>Huub Stegeman</strong> en uitgegeven bij <a href="http://www.unieboekspectrum.nl" target="_blank">Unieboek/Het Spectrum</a> (oorspronkelijke titel: <em>The Sign. The Shroud of Turin and the Resurrection</em>).</p>
<p><strong>De zoveelste samenzweringtheorie over de graal, de tempeliers of de lijkwade?</strong><br />
Dat was ook mijn eerste reactie toen ik gevraagd werd dit boek te vertalen. Er werd me echter verzekerd dat het een serieus werk van een serieuze wetenschapper was. En dat is het ook, maar het zal ook omstreden blijken. Thomas de Wesselow is van huis uit kunsthistoricus, en hoewel zijn kunsthistorische expertise een belangrijke rol speelt voor de these van dit boek, waagt hij zich ook aan de forensische wetenschap en aan de exegese van het Oude en het Nieuwe Testament. Helaas geldt ook hier &#8216;schoenmaker, blijf bij je leest&#8217;.  </p>
<p>‘Ludicrous tosh’ (belachelijke kletskoek), zo typeerde <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Diarmaid_MacCulloch" target="_blank">Diarmaid MacCulloch</a> (de kerkhistoricus van wie ik eerder twee boeken vertaalde) dit boek toen hij het ter bespreking kreeg aangeboden. Waarom is het zo controversieel?<span id="more-8052"></span></p>
<p><strong>Waarmee begon het eigenlijk?</strong><br />
Het uitgangspunt van De Wesselow is even simpel als verrassend: waarom schrijven we bibliotheken vol over allerlei historische gebeurtenissen, maar niet over de gebeurtenis op grond waarvan het christendom ontstond: de Opstanding? </p>
<p>Voor wie er niet in thuis is: christenen geloven traditioneel dat Jezus na zijn kruisiging is opgestaan uit de dood, en dat wordt algemeen beschouwd als het moment waarop het christendom, aanvankelijk een joodse sekte, als zelfstandig monotheïsme begon.</p>
<p>Voor de moderne mens is dat maar moeilijk te bevatten. Daarom zijn de meningen hierover globaal in drie kampen te verdelen: mensen die het gewoon onzin vinden en er niet over willen nadenken (atheïsten meestal), moderne christenen die vinden dat je het ‘symbolisch moet begrijpen’, en conservatieve christenen die weigeren het idee anders te interpreteren dan een letterlijk lichamelijke opstanding uit de dood.</p>
<p><strong>Symbolisch begrip</strong><br />
Maar ook als je tot een van die eerste twee kampen behoort, zul je een concrete gebeurtenis of een moment moeten aanwijzen waarop de beweging die het christendom werd, tot stand kwam. En je zult een verklaring moeten vinden voor het feit dat het zich in een razend tempo rond de Middellandse Zee door het Midden-Oosten verspreidde, zonder enige overheidssteun, sterker nog, terwijl de aanhangers juist vervolgd werden. Dat red je niet met ‘symbolisch begrip’.</p>
<p>De Wesselow denkt die verklaring te hebben gevonden. Hij gaat ervan uit dat een letterlijk lichamelijke opstanding onzin is, maar voordat de atheïsten hem nu gelijk op de schouders nemen en denken dat ze er naast Hitchens en Dawkins nog een spreekbuis bij hebben: De Wesselow geeft een verklaring die zich, zoals hij zelf zegt, uitstekend laat verenigen met de ideeën van moderne christenen. Hij doet een observatie over de diepgewortelde religieuze neigingen van de mens.</p>
<p>In de kunstgeschiedenis kent men een theorie die de animistische neiging beschrijft die mensen vertonen wanneer ze kijken naar een afbeelding van een ander mens. Ga maar na: hoeveel van ons hebben een foto van een geliefde in de portemonnee waar we soms naar kijken en die ons een warm gevoel geeft, of die we misschien zelfs wel eens een aai of een kusje geven. Dat is de simpelste vorm van dit verschijnsel. Het is echter ook terug te vinden in veel religies, overal ter wereld, in de vorm van afgodsbeelden die ‘echt’ de betreffende god zijn.</p>
<p>Stel dat er een dergelijk object was dat mensen deed denken aan hun voormalige leider en vriend Jezus, die vlak daarvoor slachtoffer was geworden van justitiële moord. Een uniek object, nog nooit eerder vertoond, en dus een beetje eng. Een object dat om uitleg vroeg, uitleg die de joden van de eerste eeuw nu eenmaal altijd eerst in de joodse Schrift zochten.</p>
<p>De Wesselow stelt dat dit object best eens de doek zou kunnen zijn die wij nu kennen als de lijkwade van Turijn. In de eerste helft van het boek legt hij uit hoe de lijkwade moet zijn ontstaan, waarom het geen vervalsing is, en waarom de koolstofdatering op grond waarvan men besloten heeft dat het ding uit de middeleeuwen stamt, wel onjuist moet zijn. Hij reconstrueert de geschiedenis van de doek van de eerste eeuw tot het heden. Al met al best een spannend en geloofwaardig verhaal.</p>
<p>Vervolgens neemt hij het Nieuwe Testament ter hand om aan te wijzen waar volgens hem impliciete verwijzingen zitten naar de lijkwade, en hij ‘repareert’ zelfs een aantal discrepanties tussen de verschillende Evangeliën en de Brieven van Paulus met behulp van zijn lijkwadetheorie. Dan haalt hij het Oude Testament en zijn animismetheorie erbij om te laten zien dat het voor de hand lag dat men de doek aanzag voor een vorm van opstanding.</p>
<p><strong>Fantast of degelijke wetenschapper?</strong><br />
Het boek is enorm spannend en leest door alle forensische details haast als een detective. Op het eerste gezicht is het een volstrekt aannemelijke theorie. Gevraagd naar een iets genuanceerdere analyse, wees MacCulloch er naar mijn idee terecht op dat het wel heel erg een opeenstapeling is van ‘Stel dat&#8230; en stel dan eens dat&#8230; zou het dan niet zo kunnen zijn dat&#8230; maar dan mogen we toch zeker ook zeggen dat&#8230;’. Inderdaad, De Wesselow kiest een heel specifiek, smal geitenpaadje met zijn redenering en de kans is groot dat hij ergens een verkeerde afslag heeft genomen. Maar er is ook een heel klein kansje dat hij wel gelijk heeft, of althans gedeeltelijk. </p>
<p><strong>Vertaler (alweer) in gevecht met de Nieuwe Bijbelvertaling</strong><br />
Ik heb er al vaker over geklaagd, en helaas zie ik me er nu weer toe genoodzaakt: steeds wanneer de auteur een Bijbelpassage citeerde, zocht ik die passage in de Nieuwe Bijbelvertaling om de tekst over te nemen. Zo doen we dat nu eenmaal. Heel vaak moest ik dan vaststellen dat bepaalde oneffenheden in de tekst gewoon zijn gladgestreken in die nieuwe vertaling, terwijl ze nog wel voorkomen in de verschillende Engelse vertalingen en in bijvoorbeeld de Statenvertaling.</p>
<p>Een voorbeeld: het Evangelie van Johannes vertoont in de oorspronkelijke teksten in de meeste vertalingen bij 19.39-40 duidelijke sporen van latere bewerking, namelijk dat er tekst is ingevoegd uit een andere bron. Dat valt op doordat het begin van vers 40 feitelijk herhaalt wat er ook al aan het einde van vers 38 staat. Althans, tot men de Nieuwe Bijbelvertaling maakte. Toen werd die oneffenheid gladgestreken en ging waardevolle informatie verloren. Dan maar weer een ‘noot van de vertaler’ toegevoegd. Leuk om te laten zien dat je goed oplet als vertaler, maar die gladgestreken plooi in de Nieuwe Bijbelvertaling is toch wel erg storend als de auteur nu juist die passage nodig had voor zijn betoog.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.boekvertalers.nl/2012/04/06/net-uit-het-teken/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Net uit: Boomerang, Wake up call voor de westerse wereld</title>
		<link>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/20/net-uit-boomerang-wake-up-call-voor-de-westerse-wereld/</link>
		<comments>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/20/net-uit-boomerang-wake-up-call-voor-de-westerse-wereld/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 20 Mar 2012 08:58:51 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Annoesjka Oostindiër</dc:creator>
				<category><![CDATA[Eigen werk]]></category>
		<category><![CDATA[non-fictie]]></category>
		<category><![CDATA[uit!]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.boekvertalers.nl/?p=8000</guid>
		<description><![CDATA[Boomerang, Wake up call voor de westerse wereld, door Michael Lewis, vertaald door Annoesjka Oostindiër en Meile Snijders, uitgegeven bij Business Contact (oorspronkelijke titel: Boomerang: Travels in the New Third World). ‘Een Lof der zotheid van de financiële crisis,’ NRC Handelsblad Een boek over de financiële crisis dat vol geweldige anekdotes staat en leest als [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.boekvertalers.nl/weblog/wp-content/uploads/2012/03/wakeupcall.jpg" alt="Boomerang, Wake up call voor de westerse wereld" title="Boomerang, Wake up call voor de westerse wereld" width="127" height="193" class="alignleft" /><em>Boomerang, Wake up call voor de westerse wereld</em>, door Michael Lewis, vertaald door <strong>Annoesjka Oostindiër</strong> en <strong>Meile Snijders</strong>, uitgegeven bij <a href="http://www.businesscontact.nl/result_titel.asp?Id=3441" target="_blank">Business Contact</a> (oorspronkelijke titel: <em>Boomerang: Travels in the New Third World</em>).</p>
<p>‘Een <em>Lof der zotheid</em> van de financiële crisis,’ <em>NRC Handelsblad</em></p>
<p>Een boek over de financiële crisis dat vol geweldige anekdotes staat en leest als een trein? Ja, dat kan. Want hoewel termen als <em>credit default swaps</em> en <em>ocd</em>’s wel vallen, gaat het ook over Arnold Schwarzenegger, die als een idioot door Los Angeles fietst en tijdens die dodenrit terugkijkt op zijn ervaringen als gouverneur van Californië. Wanneer een vrouw op straat die mobiel loopt te bellen, uitroept: ‘<em>Oh my God</em>, Bill Clinton staat hier vlak voor me,’ kan Schwarzenegger daar wel om lachen. ‘Nou, één van die lui met een seksschandaal,’ en vervolgens racet hij er met een noodgang vandoor op zijn brik.<span id="more-8000"></span></p>
<p><strong>Lewisiaanse draai</strong><br />
Dit is kenmerkend voor Michael Lewis: hij weet op de een of andere manier juist díe mensen in IJsland, Ierland, Griekenland, Duitsland en Amerika te spreken te krijgen die de lezer nou net even een andere, opmerkelijke en vaak amusante kijk op de financiële crisis bieden. Zo verblijft hij in een eeuwenoud Grieks klooster, waar de abt het financiële brein blijkt achter een uiterst gewiekst opgezet vastgoedimperium, waarmee hij een enorme hoeveelheid geld aan de Griekse staatskas wist te ontfutselen. Dat Duitsland het braafste financiële jongetje van de klas zou zijn, is wellicht niet helemaal waar; Lewis geeft er in ieder geval een heel andere draai aan. Daaruit blijkt dat Duitse bankiers hun handen juist héél vuil maakten – maar wel uitsluitend in het buitenland. Lewis koppelt dit aan iets wat in de Duitse volksaard zou zitten: een stiekeme fascinatie voor alles wat met <em>Scheisse</em> te maken heeft, verborgen achter een vernislaagje van <em>Sauberkeit</em>. In IJsland stortte een beroepsbevolking die tot dan toe eigenlijk vooral van de visserij leefde zich opeens massaal op de speculatiemarkt. En Ierland? Daar was de regering zo onverstandig om de banktegoeden te garanderen, maar behalve een ex-aannemer die de ingang van het parlementsgebouw met een cementwagen blokkeerde en een bedaagde Ierse eiergooier (met wie Lewis een leuk gesprekje heeft over hoe hij die bankdirecteuren te grazen nam), ondergaat de Ierse bevolking dat opmerkelijk lijdzaam – met andere woorden, in Ierland zeker geen Griekse toestanden. </p>
<p><strong>Vertaalperikelen</strong><br />
Hoe was het om dit boek te vertalen? De financiële terminologie heeft me af en toe heel wat Google-uurtjes gekost, want ik ga niet dagelijks <em>short</em> en vroeg me af of de term ‘rommelhypotheken’ de juiste vertaling is voor <em>subprimes</em>. Ook was ik, na lang zoeken, blij dat een Duitse vertaler van de boekvertalerslijst wist te melden dat een Amerikaan die een ouderwets Duits koosnaampje vertaalt als <em>my little shitbag</em> het waarschijnlijk over een <em>Schietbüddel</em> heeft. Fijn was ook dat ik contact heb weten te leggen met een Californische brandweerman die in het boek wordt geïnterviewd. Hij reageerde binnen een paar uur met een heel aardig mailtje en verontschuldigde zich bijna dat de gesprekken die hij met Michael Lewis had gevoerd nogal <em>relaxed </em>waren geweest en dat hij dan ook goed snapte dat de gebruikte terminologie daardoor soms wat onduidelijk was (zoals: <em>rolling towards a fire</em> en <em>this town rips</em>).</p>
<p>De financiële crisis ging voor mij door dit boek in ieder geval leven, zeker ook omdat ik opeens het economiekatern van de krant goed moest gaan lezen. Voor wie er nog niet genoeg van heeft, volg vooral ook Joris Luyendijks blogs (in <em>The Guardian</em> en tegenwoordig ook weer een maal per week in de NRC). En op 13 februari 2012 zond het VPRO-programma <a href="http://tegenlicht.vpro.nl/afleveringen/2011-2012/Goldman-Sachs-en-de-vernietiging-van-Griekenland.html" target="_blank"><em>Tegenlicht</em></a> een interessante documentaire uit over de rol van zakenbank Goldman Sachs in de financiële crisis.</p>
<p><small>Mocht iemand vallen over de Nederlandse titel en het helaas veel minder mooie omslag dan dat van de Amerikaanse versie: dergelijke kwesties zijn hier al eerder aan de orde geweest, en vertalers hebben er bijna nooit iets over te zeggen.</small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/20/net-uit-boomerang-wake-up-call-voor-de-westerse-wereld/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Intertekstualiteit en vertalen</title>
		<link>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/16/intertekstualiteit-en-vertalen/</link>
		<comments>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/16/intertekstualiteit-en-vertalen/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 16 Mar 2012 12:42:33 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Marjo Stam</dc:creator>
				<category><![CDATA[Vertaalpraktijk]]></category>
		<category><![CDATA[hoofdbrekens]]></category>
		<category><![CDATA[vertaal-ABC]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.boekvertalers.nl/?p=8009</guid>
		<description><![CDATA[Iedere vertaler heeft er wel eens mee te maken: intertekstualiteit. Een al dan niet expliciete verwijzing naar oudere teksten, vaak behorend tot de canon van de wereldliteratuur. Een interessant onderwerp, waar Cees Koster in het kader van de Master Literair Vertalen i.o. op 1 maart jl. een lezing over hield. Hij stelde twee vragen centraal: [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Iedere vertaler heeft er wel eens mee te maken: intertekstualiteit. Een al dan niet expliciete verwijzing naar oudere teksten, vaak behorend tot de canon van de wereldliteratuur. Een interessant onderwerp, waar Cees Koster in het kader van de Master Literair Vertalen i.o. op 1 maart jl. een lezing over hield. Hij stelde twee vragen centraal: ‘Wat verstaan we onder intertekstualiteit?’ en ‘Hoe valt intertekstualiteit – als technisch vertaalprobleem – op te lossen?’</p>
<p>Allereerst probeert Koster vat te krijgen op het begrip ‘intertekstualiteit’. Er zijn volgens hem drie literaire genres die inherent intertekstueel zijn: de parodie als polemische imitatie van een tekst, de pastiche als stijlimitatie, én de vertaling als ‘nabootsing’ van de tekst in een andere taal. Al vraagt Koster zich wel af of je een vertaling als een apart genre kunt zien. Want een vertaling is zowel een substituut voor een andere tekst als een commentaar op/een interpretatie van een andere tekst.  </p>
<p><strong>Specifieke intertekstualiteit</strong><br />
Na deze constatering schetst hij hoe je intertekstualiteit vanuit verschillende invalshoeken kunt benaderen, namelijk als wezenskenmerk van literatuur (elk nieuw boek verwijst naar alle voorafgaande literatuur), als generieke intertekstualiteit (genreaanduidingen, plotstructuren enzovoort) en als derde als specifieke intertekstualiteit (binnen afzonderlijke teksten).<span id="more-8009"></span></p>
<p>Koster gaat in het vervolg in op wat hij ‘specifieke intertekstualiteit’ noemt. Hij geeft daarvoor de volgende definitie:</p>
<blockquote><p>Binnen een afzonderlijke tekst zijn sporen te vinden van een andere tekst die door de lezer beschouwd kunnen worden als een interpretatieve aanwijzing.</p></blockquote>
<p>Bekende <em>sporen</em> zijn al dan niet gemarkeerde citaten én allusies, dat wil zeggen verwijzingen die geen citaat zijn. Sporen kunnen lokaal (op één plek in de tekst) zijn of structureel. Bovendien kan een auteur stelling nemen tegenover de gebruikte citaten: destructief versus constructief citeren. Koster illustreert dit destructief citeren aan het laatste boek van John Green, <em>The Fault in our Stars</em>, waarin iemand Shakespeare citeert (p. 112) en vervolgens opmerkt: It’s a fine poem but a deceitful one: (…)’.</p>
<p>Intertekstualiteit betekent dus dat een tekst de potentie heeft om te verwijzen, maar ‘het begint bij de lezer’ &ndash; en dus ook bij de vertaler &ndash; die de verwijzingen moet kunnen herkennen oftewel de interpretatieve frames moet kunnen activeren. </p>
<p><strong>Intertekstualiteit als (stijl-)middel</strong><br />
Vervolgens gaat Koster in op de tweede vraag die hij aan het begin van zijn lezing stelde: hoe valt intertekstualiteit &ndash; als technisch vertaalprobleem &ndash; op te lossen?</p>
<p>Ook voor deze vraag begint hij met classificeren en definiëren, allereerst van wat eigenlijk een vertaalprobleem is. Hij deelt vertaalproblemen in vier categorieën in: pragmatische problemen, cultuurspecifieke problemen, talenpaar-gebonden problemen én tekstspecifieke problemen. Hij schaart intertekstualiteit onder deze laatste categorie en noemt verwijzingen naar andere teksten (dat wil zeggen intertekstualiteit) een (stijl-)middel, waarbij stijl wordt beschouwd als een gevolg van keuzes die worden gemaakt met het oog op het bereiken van het beoogde effect. Koster beperkt het begrip ‘intertekstualiteit’ in deze lezing tot het citeren van en verwijzen naar literaire teksten, maar je zou het ook breder kunnen opvatten, zodat ook verwijzingen naar andersoortige teksten (songteksten, reclames, filmcitaten enzovoort) onder dit begrip vallen. Al is het dan nog meer de vraag of intertekstualiteit niet eerder een subcategorie is van ‘cultuurspecifieke problemen’.</p>
<p><strong>Vier competenties nodig</strong><br />
De ‘problemen’ die het herkennen van verwijzingen oplevert, gelden in principe voor iedere lezer, ze  hebben te maken met de kennis van de lezer van de literatuur in de ruimste zin van het woord. Ook de vertaler loopt tegen dit probleem van het al dan niet herkennen aan. De vertaler, stelt Koster, heeft daarom vier competenties nodig om problemen rond intertekstualiteit op te lossen: hij moet intertekstualiteit kunnen identificeren, de betekenis ervan kunnen beschrijven, mogelijke oplossingen kunnen inventariseren en als laatste de meest wenselijke oplossing kunnen kiezen.</p>
<p>Deze vier competenties licht Koster toe met behulp van de tekst van Greens <em>The Fault in our stars</em>. Dit ‘rijke en aangrijpende boek’ is ook rijk aan intertekstualiteit. Op de besproken pagina’s (110 t/m 113) komen onder andere al dan niet gemarkeerde citaten en verwijzingen voor naar teksten van Shakespeare &ndash; <em>Hamlet</em>, <em>Romeo &#038; Juliet</em>, sonnet 55, <em>Julius Caesar</em> &ndash; en naar Aristoteles met zijn begrip <em>hamartia</em>. Die citaten en verwijzingen zou een vertaler dus moeten identificeren om er vervolgens betekenis aan te kunnen toekennen en er een wenselijke vertaaloplossing voor te kiezen. En juist deze meest wenselijke oplossing valt niet in één alomvattend voorschrift  te vangen, want het meest wenselijke wordt bepaald door hoe de vertaler de brontekst interpreteert én door het beeld dat de vertaler heeft van de tekst in wording. </p>
<p><strong>Vertaalkeuzes</strong><br />
Koster laat een aantal keuzemogelijkheden zien aan de hand van verschillende Shakespeare-citaten in <em>The Fault in Our Stars</em>: de vertaler kan bijvoorbeeld kiezen voor het wel of niet vertalen van deze citaten, vervolgens kiezen voor de vertalingen van één bepaalde vertaler of &ndash; bij meerdere citaten &ndash; voor verschillende vertalers, of voor het zelf vertalen van de citaten. Het citaat uit Shakespeares sonnet 55: (…) <em>Than unswept Stone, besmear’d with sluttish time</em> levert een extra moeilijkheid op, omdat er in Greens tekst volgt: <em>(Off topic, but: What a slut time is. She screws everybody.)</em> De bestaande vertalingen leveren door de woordspeling in de tekst met <em>sluttish</em> en <em>slut</em> een niet volledig bevredigende oplossing op. En weer is de vertaler aan zet.</p>
<p>De vertaler kan ervoor kiezen het effect van deze woordspeling te handhaven met nieuwe middelen, of hij kan kiezen voor compensatie (hier geen woordspeling, elders wel), en hij kan een spoor ook negeren omdat hij het niet relevant acht voor de tekst. Wat er uiteindelijk mogelijk is aan keuzes, stelt Koster, bepaalt de vertaler vanuit zijn opvatting over vertalen. </p>
<p>Is deze conclusie nu bevrijdend of juist teleurstellend? Koster spreekt als wetenschapper geen oordeel uit: hij identificeert en analyseert een aantal mogelijke keuzes. Eén juiste keuze is er niet, het heeft voor een vertaler dan ook geen zin om &ndash; als dat al mogelijk is &ndash; bij de auteur aan te kloppen met de vraag welke sporen er in zijn tekst zitten en wat de auteur daarmee heeft bedoeld.</p>
<p>Gelukkig maar. Want keuzes durven maken maakt van vertalen nu juist een boeiend en creatief proces.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/16/intertekstualiteit-en-vertalen/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Past het auteursrecht nog in het digitale tijdperk?</title>
		<link>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/08/past-het-auteursrecht-nog-in-het-digitale-tijdperk/</link>
		<comments>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/08/past-het-auteursrecht-nog-in-het-digitale-tijdperk/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 08 Mar 2012 08:54:25 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Richard Kwakkel</dc:creator>
				<category><![CDATA[column]]></category>
		<category><![CDATA[nieuws]]></category>
		<category><![CDATA[opinie]]></category>
		<category><![CDATA[politiek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.boekvertalers.nl/?p=7968</guid>
		<description><![CDATA[Schrijver en e-boekuitgever François Bon vertaalde Hemingways The Old Man and the Sea en bood de vertaling Le vieil homme et la mer als e-boek aan op zijn eigen site publie.net en via boekhandels. Een rel was geboren. Gallimard bezit de exclusieve rechten op de uitgave van oeuvres dérivées, vertalingen in het Frans, van het [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Schrijver en e-boekuitgever François Bon vertaalde Hemingways <em>The Old Man and the Sea</em> en bood de vertaling <em>Le vieil homme et la mer</em> als e-boek aan op zijn eigen site <a href="http://www.publie.net/" target="_blank">publie.net</a> en via boekhandels.</p>
<p>Een rel was geboren.</p>
<p>Gallimard bezit de exclusieve rechten op de uitgave van <em>oeuvres dérivées</em>, vertalingen in het Frans, van het werk van Hemingway voor Frankrijk en gaf in 1954 de Franse vertaling van Jean Dutour uit. Gallimards algemeen secretaris Alban Cérisier <a href="http://www.actualitte.com/actualite/monde-edition/justice/hemingway-gallimard-tenu-contractuellement-d-interdire-la-traduction-32131.htm" target="_blank">legt uit</a> dat de overeenkomst met de erven Hemingway geen andere uitweg bood dan Bon te verzoeken zijn vertaling uit de verkoop te halen. Bon leefde in de vooronderstelling dat het werk van Hemingway in Canada en de Verenigde Staten in het publieke domein was terechtgekomen en was zich van geen kwaad bewust. Hij klaagde zijn nood op <a href="http://www.tierslivre.net/spip/spip.php?article278" target="_blank">zijn blog</a> en kreeg op Twitter en elders op internet veel bijval, onder andere van vertaler Christophe Claro, die op <a href="http://towardgrace.blogspot.com/2012/02/gallimard-la-amer.html?spref=tw" target="_blank">Le Clavier Cannibale</a> schande sprak van Gallimards optreden en de vertaling van ‘enorm leeghoofd’ (<em>immense baudruche</em>) Jean Dutour als ‘ouwelijk’ (<em>vieillotte</em>) naar de prullenmand verwees.* Bon heeft inmiddels gehoor gegeven aan het verzoek van Gallimard.<span id="more-7968"></span></p>
<p><strong>Amerikaans, Frans, Canadees, Europees, eh…</strong><br />
Toen Hemingway <em>The Old Man and the Sea</em> schreef, bood de Amerikaanse auteurswet bescherming tot 28 jaar na verschijning van het werk. Het boek werd uitgegeven in 1952 en zou dus in 1980 in het publieke domein zijn terechtgekomen. Maar&#8230; diezelfde wet stipuleert ook dat de maker of diens erven een verlenging met 67 jaar kunnen aanvragen. En dat is precies wat Mary Welsh, de vierde echtgenote van de schrijver, in 1980 heeft gedaan. <em>The Old Man and the Sea</em> komt dus pas in 1980 + 67 = 2047 in het publieke domein terecht. Zo legt Stephan Fishman – <em>what’s in a name…</em> – het uit in <em>The Public Domain: How to Find &#038; Use Copyright-Free Writings, Music, Art &#038; More</em> (<a href="http://www.nolo.com/products/the-public-domain-publ.html" target="_blank">Nolo</a>, 2010). <a href="http://www.slate.fr/story/50303/CULTURE-hemingway-domaine-public" target="_blank">Slate</a> neemt die uitleg over. <a href="http://www.celog.fr/cpi/lv1_tt2.htm#c3" target="_blank">Artikel L123-12 van de Franse wet op het intellectueel eigendom</a> biedt dezelfde mate van bescherming als het land van herkomst van het werk (tenzij dat binnen de EU ligt). Dat houdt in dat in Frankrijk alleen Gallimard een nieuwe Franse vertaling kan laten vervaardigen en uitgeven (een kans die de uitgever Bon naar eigen zeggen graag had gegeven). Overigens had Bon zijn vertaling wél bijvoorbeeld in Québec kunnen uitgeven, want de Canadese auteurswet biedt maar bescherming tot 50 jaar na (de eerste januari volgend op) het overlijden van de maker.</p>
<p><strong>Is &#8216;het&#8217; auteursrecht <em>vieillot</em>?</strong><br />
Geeft dit voorval de grenzen aan van het auteursrecht in het digitale tijdperk, zoals Hubert Gillaud <a href="http://lafeuille.blog.lemonde.fr/2012/02/17/nous-nechapperons-pas-a-reposer-la-question-du-droit/" target="_blank">betoogt</a> op zijn blog? Zijn de verschillende auteurswetten wereldwijd te divers en ingewikkeld om te kunnen overleven in een gemondialiseerd digitaal universum? Of zoals Rémi Mathis van Wikimédia France twittert: ‘Kan <em>The Old Man and the Sea</em> na 50 jaar nog rechtmatig toebehoren aan een rechthebbende, als het deel uitmaakt van het wereldwijde gedachtengoed’? ‘Een patent heeft een gemiddelde geldigheidsduur van maar twintig jaar. Hoe kan het op het terrein van kunst en cultuur dan veel langer zijn?’ vraagt Gillaud zich aan het slot van zijn blogstuk af.</p>
<div id="attachment_7988" class="wp-caption aligncenter" style="width: 650px"><img src="http://www.boekvertalers.nl/weblog/wp-content/uploads/2012/03/AmiralFBon.jpg" alt="" title="Amiral [Gallimerde bij graf Hemingway]" width="640" height="444" class="size-full wp-image-7988" /><p class="wp-caption-text">Belangenbehartiging door Antoine Gallimard (l) in de visie van L&#039;Amiral</p></div>
<p><small>Bron: <a href="http://tempsreel.nouvelobs.com/culture/20120217.AFP7892/gallimard-demande-le-retrait-d-une-traduction-du-vieil-homme-et-la-mer.html" target="_blank">Le Nouvel Observateur</a> en <a href="http://bibliobs.nouvelobs.com/actualites/20120217.OBS1714/gallimerde-se-fait-lyncher-sur-twitter.html" target="_blank">Bibliobs</a>. De cartoon van <a href="http://fouettard.wordpress.com/" target="_blank">L&#8217;Amiral</a> stond op <a href="http://leplus.nouvelobs.com/contribution/324835-le-vieil-homme-et-la-mer-de.html" target="_blank">Le Plus Observateur</a> Pikant detail: <em>Rien à branler</em> – letterlijk: niks meer te rukken, iets minder letterlijk: wat kan mij ’t schelen – is ook de officiële vertaling in het Frans (LPRAB) van de WTFPL, de <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/WTFPL" target="_blank"><em>Do What the Fuck You Want To public licence</em></a>.</p>
<p>* Maar oordeel zelf: Laurent Gloaguen plaatste een fragmant van <em>The Old Man and the Sea</em> met de vertalingen van Dutour en Bon op zijn blog <a href="http://embruns.net/logbook/2012/02/18.html?utm_source=dlvr.it&#038;utm_medium=twitter#traductions-omparees&#038;tw_p=twt" target="_blank">Embruns</a> en deed zelf ook een vertaalpoging.</small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/08/past-het-auteursrecht-nog-in-het-digitale-tijdperk/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Over het vertalen van 30 Nagte in Amsterdam</title>
		<link>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/02/over-het-vertalen-van-30-nagte-in-amsterdam/</link>
		<comments>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/02/over-het-vertalen-van-30-nagte-in-amsterdam/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 02 Mar 2012 08:45:13 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Martine Vosmaer</dc:creator>
				<category><![CDATA[Vertaalpraktijk]]></category>
		<category><![CDATA[hoofdbrekens]]></category>
		<category><![CDATA[roman]]></category>
		<category><![CDATA[uit!]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.boekvertalers.nl/?p=7876</guid>
		<description><![CDATA[Onlangs heb ik samen met Etienne van Heerden opgetreden voor masterstudenten in Utrecht, naar aanleiding van zijn boek 30 Nachten in Amsterdam. Etienne van Heerden vertelde bij deze gelegenheid over het schrijven van de roman, over zijn samenwerking met de Engelse vertaler en over zijn ambivalente houding ten opzichte van vertalingen: ‘Het is hetzelfde gevoel [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.boekvertalers.nl/weblog/wp-content/uploads/2012/02/etienne-van-heerden-30-nachten-in-amsterdam.jpg" alt="Etienne van Heerden, 30 Nachten in Amsterdam" title="Etienne van Heerden, 30 Nachten in Amsterdam" width="140" height="210" class="alignright" />Onlangs heb ik samen met Etienne van Heerden opgetreden voor masterstudenten in Utrecht, naar aanleiding van zijn boek <em>30 Nachten in Amsterdam</em>. Etienne van Heerden vertelde bij deze gelegenheid over het schrijven van de roman, over zijn samenwerking met de Engelse vertaler en over zijn ambivalente houding ten opzichte van vertalingen: ‘Het is hetzelfde gevoel als wanneer je dochter met een vriendje thuiskomt. Afblijven, denk je, al weet je in je hart dat het onvermijdelijk is, dat het allemaal goed kan komen en dat het misschien een hele aardige jongen is.’ </p>
<p>Daarna mocht ik mijn kant van het verhaal vertellen.</p>
<p>Om te beginnen wil ik benadrukken dat ik het boek samen met Karina van Santen heb vertaald. Als ik het over ‘we’ heb is dat geen pluralis majestatis, dan bedoel ik Karina en mij. We werken nauw samen, al heel lang, en als een vertaling af is weten we meestal niet meer wie verantwoordelijk is voor die prachtige vondst of die stomme blunder. Gelukkig maar, zou ik bijna zeggen.</p>
<p><strong>Engels of Afrikaans?</strong><br />
<em>30 Nachten</em> kregen we aanvankelijk aangeboden als vertaling uit het Engels. Er was geen vertaler Afrikaans beschikbaar en Etienne van Heerden had erin toegestemd dat de vertaling uit de Engelse versie zou worden gemaakt. Hij had die vertaling zelf nagekeken en van uitgebreid commentaar voorzien, dus in principe zou dat geen problemen opleveren.<span id="more-7876"></span></p>
<p>Ik had al eens iets gelezen van Van Heerden en het Afrikaans had onze belangstelling, met name de Afrikaanse poëzie. En als ik in Zuid-Afrika ben (bijna elk jaar de afgelopen tijd), lees ik altijd een Afrikaanse krant, <em>Die Burger</em>, al moet ik zeggen dat ik die niet altijd kan volgen. Maar dat is de vergissing die je gauw maakt; de taal van een krant mag dan minder gecompliceerd zijn dan de taal van een roman, het gaat om de context, en die ken je vaak niet of niet voldoende.</p>
<p>Maar goed; wij zijn dol op een uitdaging, we zijn bijna gespecialiseerd in het vertalen van <em>snaakse</em> boeken, en dus riepen we onmiddellijk dat we uit het Afrikaans gingen vertalen. Met de Engelse versie ernaast en veel hulp van de schrijver zou dat moeten lukken.</p>
<p><strong>Proeve</strong><br />
Gelukkig hebben we Van Heerden al vrij snel ontmoet, tijdens een Festival voor het Afrikaans in het Tropenmuseum. Het is veel gemakkelijker vragen te stellen aan een auteur die je in levenden lijve hebt gesproken.</p>
<p>Voor dat festival moesten we overigens ook een eerste proeve laten zien: de vertaling van een tekst die van Heerden voorlas in het Afrikaans, waarbij onze vertaling werd geprojecteerd. Het was heel leerzaam, en confronterend, onze eigen tekst voor ons te zien terwijl we tegelijkertijd het origineel hoorden, en dus ook het ritme, de melodie van de taal. Hoewel ik inmiddels vrij moeiteloos Afrikaans lees en het ook redelijk kan verstaan (een beetje afhankelijk van de spreker), vind ik de uitspraak nog steeds heel lastig.</p>
<p>Aan het werk dus met deze nieuwe taal.</p>
<p>We schaften ons woordenboeken aan: het digitale WAT, het Woordenboek Afrikaanse Taal, dat helaas niet verder dan de letter R gaat. Soms kun je woorden die je zoekt in een ander lemma terugvinden, maar er blijken toch wel erg veel woorden te zijn die met de letters R t/m Z beginnen. Hoewel de Z nog wel gemist kan worden. Dus moest er ook de papieren Pharos komen, die minder uitgebreid is, maar wel het hele alfabet omvat. En ten slotte kochten we de pas verschenen ANNA (woordenboek Afrikaans-Nederlands, Nederlands-Afrikaans). In dat woordenboek zijn het Afrikaans en het Nederlands in hetzelfde lemma verwerkt, wat voor een vertaler een ramp is. Alle woorden moeten bij het Nederlandse lemma worden opgezocht, en daar staan dan de Nederlandse en de Afrikaanse betekenissen van het woord onder elkaar. Toen bleek overigens weer hoe gevaarlijk het is om je op een tweetalig woordenboek te verlaten: bij <em>gesels</em> staat bijvoorbeeld keuvelen, babbelen. Na een tijdje ontdekten we dat er wel erg veel gebabbeld c.q. gekeuveld werd in onze vertaling, en dat het misschien ook wel gewoon met praten kon worden vertaald. Toch heeft dit woordenboek zijn nut bewezen, met name voor het opzoeken van uitdrukkingen. Hoe had ik anders kunnen ontdekken dat de prachtige uitdrukking <em>die oortjies van die seekoei</em> ‘het topje van de ijsberg’ betekent? En ter verduidelijking: een <em>seekoei </em>is een nijlpaard, een van de gevaarlijkste dieren van Afrika. Als het beest zwemt, zie je alleen die oortjes en is dat kolossale lijf onder water verborgen.</p>
<p><strong>Valse vrienden</strong><br />
Hiermee kom ik bij een van de eerste problemen die we bij het vertalen tegenkwamen. Het Afrikaans lijkt heel erg op het Nederlands, en ook weer niet. Het gevaar van valse vrienden is groot. Gelukkig hebben we in bijna 30 jaar vertaalervaring geleerd altijd op onze hoede te zijn. Elk woord moet drie keer omgedraaid en van alle kanten bekeken. En dat heeft ons voor veel uitglijders behoed. Ook het vertalen als duo bleek weer een zegen; als de ene met open ogen in een instinker trapte, haalde de ander die er weer feilloos uit.</p>
<p>Een paar voorbeelden: <em>amper</em> betekent in het Afrikaans ‘bijna’. Een zaal die amper vol zit, is in het Afrikaans dus een stampvolle zaal.</p>
<p>Het Afrikaanse <em>kuier</em> betekent helemaal niet kuieren, maar op bezoek komen, logeren.</p>
<p>Etienne van Heerden gebruikte tijdens een voordracht in Utrecht het woord <em>verteken</em>. Daarmee bedoelde hij niet vertekenen, in de pejoratieve betekenis, maar opnieuw tekenen, een nieuwe draai geven.</p>
<p>Ander voorbeeld: <em>selfbewus</em>. In het Afrikaans heeft dat de betekenis van het Engelse <em>self-conscious</em> gekregen. Dus min of meer het tegenovergestelde: verlegen, onbehaaglijk. En in een ander boek kwamen we laatst de uitdrukking <em>Jy trek my been</em> tegen, een letterlijke vertaling van <em>You’re pulling my leg</em>. </p>
<p>En daar kom ik op een ander probleem bij het vertalen van Afrikaans. Het is een van de vele talen van Zuid-Afrika, en met name door het voortdurende contact met het Engels is er veel Engels in de taal geslopen. Alleen op andere manieren dan in het Nederlands. Waar wij achteloos Engelse woorden als computer en laptop gebruiken, heet dat in het Afrikaans rekenaar en schoot-rekenaar. Het is bij het vertalen soms een lastige keuze, waar we ook uitvoerig over hebben gediscussieerd met Van Heerden: laten we Engelse uitdrukkingen staan, of vertalen we die?</p>
<p>Op het ogenblik zijn we bezig met de vertaling van Afrikaanse thrillers van Deon Meyer, en in die boeken vertalen we bijna al het Engels, soms hele bladzijden (een Amerikaans meisje in dat boek spreekt bijvoorbeeld consequent Engels), omdat thrillers natuurlijk voor een breder publiek zijn geschreven. Bij ‘hoge’ literatuur kan meer Engels blijven staan. Maar het blijft een lastige keuze. Want weet de gemiddelde lezer wat <em>swanky</em> is? Enigszins tegenstribbelend hebben we het laten staan. Soms hebben we het ene Engelse woord vervangen door een ander dat hier meer bekend is.</p>
<p>Ook de zinsbouw gaat soms veel meer naar het Engels toe. Een voorbeeld is het achter het werkwoord plaatsen van adjectieven. Ik kon niet direct een voorbeeld in dit boek vinden, helaas, maar het is een constructie als: &#8216;Hij liep door de straat, langzaam, bedachtzaam, en toen ging hij een café binnen.&#8217; Dat is een keer als stijlfiguur wel leuk, maar in het Nederlands ongebruikelijker.</p>
<p><strong>Twee stemmen</strong><br />
Terug naar deze vertaling. Het boek heeft twee stemmen: Henkie, een wat saaie, teruggetrokken man, en Zan, zijn flamboyante tante.</p>
<p>Henk praat redelijk ‘gewoon’, al wordt hij soms zo overweldigd door zijn ervaringen in Amsterdam dat ook hij vrij bloemrijk wordt. Maar tante Zan verkent echt de grenzen van de taal. Het probleem voor ons was niet hoe we de grenzen van het Nederlands moesten opzoeken, dat kost ons geen enkele moeite, maar hoe we erachter moesten komen waar het taalgebruik redelijk normaal Afrikaans was en waar tante Zan over de schreef ging. Bovendien speelt een groot deel van het verhaal zich af in de jaren zestig in Zuid-Afrika. Toen hier de flowerpower in volle hevigheid losbarstte, was er in Zuid-Afrika nog geen televisie en barstte de Apartheid in volle hevigheid los. Daarnaast speelt het boek zich af in de Karoo, een afgelegen en verlaten streek met kleine stadjes en geïsoleerde boerenbedrijven. Streng gereformeerd. Dominees woord is wet. Tegen die starheid komt Zan in opstand.</p>
<p>Zans excentrieke taalgebruik uit zich in verschillende vormen: </p>
<ul>
<li>Op zinsniveau, waar soms de grammatica wordt losgelaten en de zinnen instinctief en associatief hun weg gaan.</li>
<li>Op woordniveau: veel van de vragen die we aan Van Heerden stelden betroffen woorden die we nergens konden vinden, of woorden die we wel konden vinden maar waar we het register of de kleur van wilden weten.</li>
<li>In uitdrukkingen, beeldspraak, gezegdes en strofen uit liedjes.</li>
</ul>
<p>Het laatste leverde de meeste problemen op omdat we daar moesten uitkijken dat de vertaling niet te ‘Hema’ werd (of te &#8216;Ajax&#8217;, zoals dat vroeger wel werd genoemd, kortom, té typisch Nederlands) en dat de uitdrukkingen, beeldspraak enzovoort dezelfde sfeer behielden.</p>
<p>Een paar voorbeelden:</p>
<blockquote><p><em>Jy sluk jou woorde as jy ’n De Melker is, jy plaas ’n wag voor jou lippe jy kap jou regterhand af. Of jy vat jou goed en trek, Ferreira. Môre gaan ek seaside toe. </em><br />
Je slikt je woorden in als je een De Melker bent, je zet een wachter voor je lippen je hakt je rechterhand af. Of je pakt je boeltje en licht het anker. De zee de zee klotst voort.</p>
<p><em>Vat jou goed en trek Ferreira Jannie met die hoepelbeen die koffie’s kant en klaar! Klopdisselboom loop Rooi Gevaar af in Somersetstraat, links by die kerk woerts reguit Sobukwewêreld toe, lokasie-van-my-nasie! Maar die smartiehuisie is gesluit, daar’s geen asem nie en ek ry terug. Gaan sit maar voor die Groot Kerk op die bankie en maak Briefboet se skrywe oop.</em><br />
Pak je boeltje licht het anker laat de poppetjes dansen de koffie is bruin! Leien dakje vertrekt het Rooie Gevaar de Somersetstraat af, links bij de kerk woesj recht naar Sobukwewereld, lokasie-van-mijn-nasie! Maar het smartiehuisje is dicht, geen leven daar en ik rij terug. Ga maar voor de Grote Kerk op de bank zitten en maak het epistel van Briefbroer open</p>
<p><em>Jy kan hom swaai, jy kan hom draai, maar hy bly aai aai die witborskraai. </em><br />
Het Spaanse graan heeft de orkaan doorstaan en met een vliegtuig naar de maan.</p>
<p><em>Julle kinders van die wolke, julle Patrys-hulle julle penkoppe, Stinkie en sy maats, wat soek julle hier in my privaatheid? Ek is ’n Aktrise</em><br />
Stelletje bokkenrijders, padvinders, lorejassen, Jan Rap en zijn maat, wat zoeken jullie hier in mijn privacy? Ik ben een actrice</p></blockquote>
<p><em>Seuns van die wolke</em> is de titel van een boek over piloten. We hebben daar Bokkenrijders van gemaakt (geesten die op bokken door de lucht rijden, maar ook gauwdieven), omdat we geen verwijzingen konden vinden naar literatuur die in Nederland bekend is, maar ook aannemelijk in de Afrikaanse context. Normaal gesproken zouden we niet zo gauw noten in een roman zetten, maar het was ons opgevallen dat het in de andere vertaalde boeken van Van Heerden ook was gebeurd. Of althans, een verklarende woordenlijst. Dat gaf ons de kans om typisch Afrikaanse woorden in de tekst op te nemen zoals <em>plaas</em> (boerderij), <em>stoep</em> (veranda, lastig was wel dat we daardoor voor <em>sypaadjie</em> niet meer het woord stoep konden gebruiken), <em>lokasie</em> (woonbuurt voor zwarten of kleurlingen), <em>bakkie</em> (pick-up) en <em>braai</em> (barbecue).</p>
<p><strong>Apartheid</strong><br />
De vele verwijzingen naar de Boerenoorlogen waren een ander probleem. We hebben uiteindelijk in de woordenlijst achterin ook een aantal personages toegelicht. De jongere lezer weet nog amper wat de Apartheid was, de Boerenoorlog is al helemaal oude geschiedenis.	</p>
<p>Soms was het mogelijk een oplossing te vinden: </p>
<blockquote><p><em>Kytie vanmôre sy staan haar staan by die krane haar Colenso</em><br />
Kytie vat vanochtend post bij de kranen haar Waterloo.</p></blockquote>
<p>Hier is Colenso (een plaats waar slag is geleverd in een van de boerenoorlogen) Waterloo geworden. Napoleon kwam al voor in het boek (Henkie heeft hele gesprekken met ‘zijn’ Napoleon, geïnspireerd door de ‘Napoleonborden’, familie-erfstukken die gekoesterd worden), dus in combinatie met het water kon het hier heel mooi.</p>
<p>Ons idee was om meer Afrikaans te laten doorklinken in de Zan-stukken, maar eenvoudig was dat niet; het moest ook begrijpelijk en vlot leesbaar blijven. Dus hoewel we soms een brede grijns kregen bij sommige woorden en uitdrukkingen gold hier eens te meer: <em>kill your darlings</em>, ofwel: een oplossing kan nog zo briljant gevonden zijn, als die niet past in de context, dan moet je meedogenloos zijn. </p>
<p>Wat we een enkele keer wel hebben gedaan is het verdubbelen van woorden: zij hap-hapt, zij schik-schikt, bijvoorbeeld.</p>
<p>Belangrijk was ook het ritme en de melodie. Hardop lezen was vaak de beste manier om te zien of de tekst ‘werkte’ en of de ongrammaticale zinnen wel begrijpelijk en ‘natuurlijk’ bleven.</p>
<p>Achteraf waren we blij dat we niet uit het Engels hebben vertaald. De Engelse vertaler was vaak heel vrij geweest in de vertaling van de Zan-stukken. Hadden wij die uit het Engels vertaald, dan was het een heel ander boek geworden. Bovendien was dan ook de spanning tussen de Engelse Zuid-Afrikanen en de ‘Boeren’, die wij wel konden laten doorklinken, helemaal verdwenen</p>
<p>Al met al was het een spannende onderneming. Bij het opnieuw bestuderen van de vertaling kwamen we natuurlijk dingen tegen die we nu misschien anders zouden hebben gedaan, maar dat is vrees ik een natuurlijke reactie van elke vertaler. Leve de deadline die de vertaler dwingt om te zeggen: zo, het is af.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.boekvertalers.nl/2012/03/02/over-het-vertalen-van-30-nagte-in-amsterdam/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>3</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

