Geschreven door An de Greef

An de Greef (1979) is beginnend literair vertaler Engels-Nederlands. Zij vertaalde onder meer Tristan Egolf, Nikita Lalwani, Samantha Hunt en David Szalay.

weblog-vakantietekening-bewerkt.JPG

Tags:

Het is 1893. Drie mensen lopen op straat.

At that moment a man emerges from the shadows. He is shorn in a beaver-tooth tailed day coat and pedals past astride a contraption based on balance and velocity. The device seems the property of dreamland. Het gaat mij hier om die tweede zin: He is shorn in a beaver-tooth tailed day coat and pedals past astride a contraption based on balance and velocity.

Nu wordt er weleens gezegd dat je moet vertalen ‘wat er staat’. Dat is een nobel streven.
Lees verder »

Tags: ,

Op hun weg komen boekvertalers heel wat tegen. Er zijn dingen die ze zo uit hun mouw schudden, maar er zijn ook vertaalproblemen waar ze wat langer over moeten nadenken. En als ze er na lang peinzen niet uitkomen, leggen ze het probleem graag voor aan hun (virtuele) collega’s. Om meer inzicht te geven in deze vertaalproblemen, zet ik hier graag zo’n vertaalhobbel neer, met de hartelijke uitnodiging erover mee te denken.
Lees verder »

Tags:

Maya Maya Denneman (1981) is pas twee jaar bezig met vertalen, maar heeft ondertussen al heel wat vertalingen (Engels-Nederlands) op haar naam staan. Dat zijn vooral allerlei soorten vrouwenboeken. Op het moment is ze met haar eerste thriller bezig.
Lees verder »

Tags:

Dankjewel

Het einde van het boek nadert. De laatste bladzijde… de laatste alinea… het laatste woord! Een euforisch gevoel bekruipt je. Het boek is af. Je wilt het manuscript aan de kant leggen en een fles champagne opentrekken, maar dan staan ze daar, onvermijdelijk als altijd: de acknowledgements. Het dankwoord.
Lees verder »

Tags:

‘Wat heb jij toch een heerlijk vrij beroep,’ krijg ik regelmatig te horen als ik vertel dat ik vertaler ben. En inderdaad: ik heb een heerlijk vrij beroep. Vandaar dat ik afgelopen maandag kon ingaan op de uitnodiging van mijn studerende vrienden om te gaan zwemmen in het Tikibad, terwijl de negen-tot-vijf-banenvrienden verstek moesten laten gaan.

Het Tikibad barst van de snelle glijbanen, dus ik vloog op een band door de Moonlight, suisde door de trechtervormige Cycloon en schoot met vijftig kilometer per uur door de Flits.

En toen was daar de Family Slide. De Family slide. De supersaaie Family Slide, waar je met een slakkengangetje doorheen kruipt. Maar ik niet, want ik ging op mijn knieën.

Nu zit ik hier achter mijn computertje. Te vertalen met een lichte hersenschudding. Want ik heb een heerlijk vrij beroep en er moet toch gewerkt worden.

Tags: