Taal en mythe

Taal en mytheToen ik twintig jaar geleden vlak voor het einde stopte met mijn studies geschiedenis en filosofie en enige tijd later begon te studeren om eerst vertaler Engels en later ook Duits te worden, verloor ik niet meteen mijn liefde voor die eerste vakken. Het zal ook wel iets te maken hebben gehad met mijn partner, die zijn carrière in de theologie zou maken.

Samen ontdekten we in die tijd een reeks essays van de Duits-joodse (in die volgorde, daar stelde hij prijs op) neokantiaanse filosoof Ernst Cassirer (Sprache und Mythos). Hij laat daarin zien hoe symbolische en mythische vormen ons spreken en handelen bepalen. Logisch denken is volgens hem niet de enige voedingsbron van onze cultuur. Onder de logica van de taal en de beelden die we gebruiken bevindt zich een ‘grammatica’ van ervaring die al ons denken stuurt – van wetenschap tot poëzie en mythologie.

Respectvolle bescheidenheid
Ik was zwaar onder de indruk van zijn denken en meende dat dit absoluut verplichte kost was voor de studies die ik zelf had gevolgd en nog een aantal andere vakken (het vertaalvak ook?). Op dat moment was ik echter nog niet gediplomeerd voor Duits (en overigens ook nog niet voor Engels) en hoewel ik als grensbewoner het Duits, althans passief, niet veel slechter beheerste dan het Nederlands, besloot ik het opwellende verlangen om dit werkje te vertalen maar voor langere tijd te vergeten. Vertaalwerk was voorbehouden aan ‘echte’ (lees ‘gediplomeerde, ervaren’) vertalers. Respectvolle bescheidenheid was gepast.

Achttien jaar later, het technisch vertaalwerk kwam me inmiddels ernstig de keel uit en ik had al eens mogen proeven aan wat ‘inhoudelijker’ vertaalwerk doordat ik een boek van MacCulloch over de Reformatie had vertaald, besloten we de vertaling alsnog te doen, met redactie en inleiding van mijn partner. Dat resultaat hebben we heel voorzichtig aan uitgeverij Boom aangeboden…

Uitzondering
…die het vervolgens enthousiast uit onze handen griste, er meteen nog een essay bij bestelde omdat het boekje anders zo dun werd en een contractvoorstel stuurde waarin een heel fraaie woordprijs was opgenomen. Hoewel je ook hier op het blog en in de nieuwsgroep regelmatig en terecht kunt lezen dat het niet erg slim is om op eigen houtje een boek te vertalen en dan te kijken of je het bij een uitgever kwijt kunt, was dit dan waarschijnlijk de uitzondering die de regel bevestigt.

Een klein nadeeltje is nu dat ik bij de bewuste uitgeverij inmiddels de reputatie lijk te hebben vooral geschikt te zijn voor zeer obscure en lastige Duitse filosofische vertalingen. Helaas zijn dat dan ook weer van die werken die nauwelijks verkopen en dus niet al te vaak vertaald worden, dus het levert geen bergen werk op. Spijt heb ik er echter niet van, zeker niet omdat het boek van Cassirer zo mooi is uitgegeven.

Tags: ,

Antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *


*