Vergeten boeken (2)

Een van de boeken die ik heb vertaald en waarvan ik het doodzonde vind dat het in de vergetelheid is geraakt, is Hoogtekoorts van Robert Macfarlane, dat in 2003 verscheen bij De Bezige Bij (en in hetzelfde jaar in Groot-Brittannië). Hier mijn pleidooi voor een vergeet-mij-nietje.

Beperkt genre
Voordat ik aan de vertaling van Mountains of the Mind begon, had ik twee bergsportboeken vertaald en er heel wat gelezen. Aardige boeken hoor, maar het is een beperkt genre. Meestal worden ze geschreven door egomaniakken met een beperkte kijk op de wereld, want dat zijn bergbeklimmers nu eenmaal. De stijl varieert van belabberd tot wat ik, zelfs als ik me van mijn royaalste kant laat zien, niet anders kan omschrijven dan ‘prozaïsch’. Lees er één en je weet genoeg. Ze zijn hooguit aardig ter verstrooiing of om de heimwee naar de bergen te stillen voor wie daar, zoals ik, wel eens last van heeft.

Alleen Over de rand van Joe Simpson (1989, vertaling van Touching The Void uit 1988 door Paul Heijman) ontstijgt het genre door zijn zinderende spanning en is misschien daarom wel een heuse bestseller geworden. Maar mij ligt de stijl van dat boek niet. Daarentegen is De ijle lucht in van Jon Krakauer (1997, vertaling van Into Thin Air uit hetzelfde jaar, door Bookmakers uit Nijmegen), een relaas over een Everest-expeditie met rampzalige afloop, om je vingers bij op te vreten zo spannend en ook nog eens prachtig geschreven.

Je hebt liefhebbers van porno die tóch een goed verhaal willen. Zo heb je ook liefhebbers van bergsportboeken die graag zouden zien dat deze boeken over meer diepgang en een fraaiere stijl beschikten. Behalve De ijle lucht in, het enige voorbeeld dat ik kan bedenken, bestaat er in elk geval nog zo’n boek: Hoogtekoorts.

Robert MacfarlaneRobert Macfarlane werd in 1976 in Nottingham geboren. Hij begon op zijn zevende met klimmen, studeerde aan de universiteiten van Oxford en Cambridge en doceert tegenwoordig Engelse literatuur aan de laatste. Macfarlane is recensent voor onder andere The Guardian en zat in 2004 in de jury van de Man Booker Prize, die de prijs toekende aan The Line of Beauty (2004) van Alan Hollinghurst (in 2005 in het Nederlands verschenen onder de titel De schoonheidslijn, vertaald door Ton Heuvelmans).

Cultuurgeschiedenis van de bergsport
Macfarlanes passies – klimmen, literatuur en cultuurgeschiedenis – komen in Hoogtekoorts samen. In zijn boek probeert hij een antwoord te geven op de vraag hoe het zo gekomen is dat mensen graag op de top van een berg willen staan. Op het eerste gezicht misschien een onnozele, onzinnige dan wel oninteressante vraag, maar voor Macfarlane het begin- en eindpunt van een ongelooflijk veelzijdige, boeiende en bovenal leesbare cultuurgeschiedenis van de bergsport, die ook interessant is voor lezers die in eerste instantie weinig met het onderwerp denken te hebben.

Macfarlanes centrale stelling is dat klimmers in de ban zijn van een typisch westerse voorstelling van bergen, die zich in de loop der eeuwen onder invloed van nieuwe filosofische, culturele en wetenschappelijke ideeën en inzichten heeft gewijzigd van bergen als plaatsen des onheils tot bergen als plaatsen van de fantasie ‘waarvan je droomt en waarnaar je verlangt’ (p. 30). Het is hun verbeelding die klimmers tot grootse prestaties aanzet, want in feite zijn bergen niets dan steen en ijs (vandaar de Engelse titel, Mountains of the Mind, woorden van de Engelse Victoriaanse dichter Gerald Manley Hopkins).

Macfarlane gaat grondig en systematisch te werk door al die ideeën en inzichten te behandelen, zoals de geologie, die het scheppingsverhaal onderuithaalde, met minstens zo vernietigende consequenties als Darwins evolutietheorie; de filosofie van het sublieme van Edmund Burke; de Britse romantiek; de glaciologie; de hang naar avontuur en angst; de uitdaging van het onbekende enzovoort.

Licht van toon
Saai? Allesbehalve! Want Macfarlane schrijft mooi, komt met werkelijk prachtige verhalen over tegen de stroom in roeiende wetenschappers en pionierende klimmers Robert Macfarlane, Hoogtekoorts(waaronder heerlijk excentrieke Britten, zoals het gezelschap dat met kwartel, foie gras en vintage Montebello-champagne uit 1915 in de bagage toppen in de Himalaya te lijf gaat) en wisselt meer beschouwende stukken af met niet minder fraai geschreven, soms ontroerende en melancholieke verslagen van zijn eigen klimtochten. Macfarlane wordt nooit uitleggerig en Hoogtekoorts doet nergens zwaar of gewichtig aan. Het boek is licht van toon en helder-analytisch in de beste Angelsaksische traditie. Als ik me één voorbeeld mag permitteren (ik had er tientallen kunnen kiezen), waarvoor u het met mijn vertaling zult moeten doen (p. 77-78):

Al jaren trek ik naar de bergen en ben ik verbijsterd door de diepe tijd.* Op een keer, toen ik me op een zonverlichte dag halverwege de top van Ben Lawers bevond, een berg die rijk is aan mica, stuitte ik op een vierkant blok afzettingsgesteente, dat aan de achterkant aan zijn begroeiing van mos en gras leek te hangen. Ik deed een stap terug vanaf de zijkant en zag dat het uit honderden laagjes grijs steen bestond, elk niet dikker dan een laken. Elke laag, berekende ik, beschreef zo’n 10.000 jaar – honderd eeuwen afgekort tot drie millimeter rots.

Tussen twee van de grijze lagen zag ik een dun zilveren laagje. Ik duwde de punt van mijn wandelstok in de rots en probeerde de lagen los te wrikken. Het blok spleet open en het lukte me om mijn vingers onder het zware stenen deksel te krijgen. Ik tilde en de rots opende zich. Daar, tussen twee lagen grijze steen, lag een vierkante meter zilverkleurig mica, dat fel in het zonlicht flikkerde – misschien wel het eerste zonlicht dat er in miljoenen jaren op viel. Het was alsof ik een schatkist opende, tot de rand toe gevuld met zilver, of een boek met een spiegel tussen de bladzijden, of een luik dat een kerker van tijd ontsloot die zo duizelingwekkend diep was dat ik er voorover in had kunnen vallen.

In een schitterend slothoofdstuk komen alle lijnen die Macfarlane eerder heeft uitgezet bijeen. Centrale figuur in het hoofdstuk is George Mallory, de legendarische klimmer die met zijn klimpartner Andrew ‘Sandy’ Irvine omkwam toen hij in 1924, 29 (!) jaar voor de geslaagde beklimming door Hillary en Tenzing, op een haar na de top van de Everest bereikte en die zich met zijn fatale poging een bijna mythische status verwierf. Mallory, de man die op de vraag waarom hij bergen beklom antwoordde: ‘Because they’re there.’ Kenners van het genre wie deze mogelijk sleetse held inmiddels danig de keel uithangt, moeten dit hoofdstuk maar eens lezen. Macfarlane, die van de erven Mallory toestemming kreeg om zijn correspondentie in te zien, zet hem op een formidabele manier neer als een tragische held, die, hoezeer hij ook van zijn gezin hield, niet anders kon dan steeds weer terugkeren naar de Everest en die zo het slachtoffer werd van al die giftige ideeën die mensen naar de hoogste toppen stuwen. Voer voor romantici!

Meesterproef
Het laatste hoofdstuk van Hoogtekoorts is huiveringwekkend, beeldschoon en tragisch. Het is Macfarlanes meesterproef. Hij slaagt er met vlag en wimpel mee voor het examen Groots en Meeslepend Schrijven (weer eens iets ander dan dat fletse creative writing).

En toen. In Groot-Brittannië werd Mountains of the Mind laaiend enthousiast ontvangen. Macfarlane won de Guardian First Book Award, de Somerset Maugham Award én de Sunday Times Young Writer of the Year Award. Hij ontving een bewonderend briefje van Jeremy Paxman. Van de verkopen weet ik niets, maar Macfarlane zijn ze aan de overkant van de Noordzee allerminst vergeten.

In Nederland ligt dat anders. Van de beginoplage van drieduizend exemplaren is weliswaar een flink deel verkocht en de pers was Macfarlane goedgezind, maar het boek kreeg niet de aandacht en het publiek die het wat mij betreft verdient. Inmiddels hoor je – hoor ik – er nooit meer iets over. Ik denk dat bergsporters net als pornoliefhebbers helemaal geen goed verhaal willen en dat bergsport een onderwerp is waar cultuurhistorici – toch al geen grote doelgroep – hun neus voor ophalen. In Nederland zijn Harry Potter en literaire thrillers de althans commercieel meest geslaagde voorbeelden van zogeheten cross-overboeken, maar in het geval van Macfarlanes eersteling never the twain (in dit geval kwaliteit en kwantiteit) shall meet. Jammer. Niet omdat ik er een leuk bedrag aan royalty’s aan hoopte over te houden, maar omdat ik het boek van harte een groot publiek gun, of in elk geval de status van een klassieker à la Zen en de kunst van het motoronderhoud van Robert Pirsig (1976, vertaling Ronald Jonkers) of De sneeuwluipaard van Peter Matthiessen (1981, vertaling Victor Verduin). In dat rijtje verslavende leeservaringen hoort Hoogtekoorts als je het mij vraagt absoluut thuis.

KlimmuurIk heb Robert Macfarlane ontmoet. Hij was in Nederland voor de promotie van zijn boek. Hij zat, niet verwonderlijk, boordevol anekdotes, waaronder een scabreuze over Paxman (geïnteresseerden kunnen mij mailen). Hij hield op de Vakantiebeurs in Utrecht een mooie presentatie met letterlijk oogverblindende, want in sneeuw en ijs genomen eigen dia’s, en liet zich gewillig door de pers ondervragen. Door NRC Handelsblad werd hij hoog hangend aan een klimmuur vereeuwigd. Zo’n aardige jongen, zo’n goede schrijver, zo’n prachtig boek. Jammer dat het in de vergetelheid is geraakt.

* ‘Diepe tijd’: term die Macfarlane heeft ontleend aan John McPhee: ‘De beschouwing van tijd in eenheden die geen dagen, uren, minuten of seconden beslaan, maar miljoenen of zelfs tientallen miljoenen jaren.’ (p. 55) – NG

Download PDF

Tags: ,

  1. Nijmegen 7-8-2008
    Beste Nico,
    Eigenlijk nog nooit een “natuur” boek gelezen! Nu kreeg ik van iemand “De laatste Wildernis” cadeau naar aanleiding van een radioprogramma dat ze gehoord had op 15 juli en omdat ik een Schotlandgaander ben. Het boek is nu uit. Het was geweldig om te lezen allesvergetend en me wanend op de plekken zelf. Ja het is literatuur, de mengeling van mooi beschreven (en vertaalde!) gebieden en de geschiedenis erbijhalend. Oh wat heb ik genoten. Dat is nu echt vakantie! Na jouw pleidooi voor een vergeet-me-nietje ga ik mijn vakantie voortzetten met “Hoogtekoorts’! Groet Ellen

  2. Beste Ellen,
    Dank je voor je aardige woorden. Fijn dat het tweede boek je naar het eerste heeft geleid. En nog fijner dat er tenminste weer eens iemand is die M.’s debuut leest.
    Hartelijks,
    Nico

  3. IVM een prijsvraag van de Bezige Bij waar je o.a. dit boek kan winnen, stuiite ik op dit prachtige pleidooi vor een boek dat ik zeker wil gaan lezen (al dan niet gewonnen). Een fascinatie voor verhalen over berg beklimmen, gecombineerd met mijn passie voor het Engels (ik studeer momenteel Engels naast mijn baan als docente middelbaar onderwijs) kan er mogelijk toe leiden dat ik weliswaar de Engelse versie probeer te bemachtigen, ipv de ongetwijfeld geslaagde vertaling van u. Maar in ieder geval dank voor deze mooie recensie!
    Hartelijkegroeten,
    Christine Albertz

  4. Beste Christine,
    Dank voor je reactie. Ik hoop natuurlijk dat je het boek wint. Zo niet, dan zal het geen enkel probleem zijn om ergens een Engels exemplaar op de kop te tikken. Ik kom ze in Amsterdam geregeld tegen. Succes! Nico

  5. Beste,
    Waar kan ik dit boek nog kopen, hier in België is het onvindbaar…
    Groetjes,
    Hilde

  6. Beste Hilde,

    Ik heb op internet gekeken of het nog antiquarisch leverbaar is, maar heb het niet kunnen vinden (althans niet op Nederlandse sites). Een in bergsport gespecialiseerd antiquariaat is dat van F.C. Dufour in Leiden, eenvoudig te vinden via internet, al heeft hij geen site. Misschien heeft hij het? Jammer dat je het nog niet hebt kunnen vinden. Ik hoop dat het je alsnog lukt.

    Groet,

    Nico

  7. Beste Nico,

    Ik heb net het boek Mountains of the mind uit, hier op vakantie in Leukerbad, Zwitserland. In de hoop dat er een Nederlandse vertaling zou zijn googelde ik en vond deze site. Ach, wat hoop ik Hoogtekoorts nog te kunnen vinden. Ben heel benieuwd hoe jij het boek vertaald hebt! Wat is de Engelse taal mooi, en wat zijn er veel woorden die ik niet eigen ben… Kun je niet ook het boek The living mountain van Nan Shepherd vertalen? Ook zo’n prachtig geschreven boek. Blijf dit soort boeken vertalen hoor! Mij maakt je er in ieder geval heel gelukkig mee! Met hartelijke groet, Emke de Vries-Westers

  8. Beste Emke,

    Dank voor je reactie. Ik hoop dat je nog ergens een exemplaar van Hoogtekoorts op de kop weet te tikken. Succes! Voorlopig kun je nog genieten van de andere boeken van Robert Macfarlane, De laatste wildernis en De oude wegen. Zie voor besprekingen elders deze site.

    Macfarlane besteedt in beide boeken veel aandacht aan het werk van Nan Shepherd. (En trouwens ook in zijn laatste boek, Landmarks, waar geen Nederlandse vertaling van zal verschijnen.) Goed idee, om daar een Nederlandse uitgever voor te interesseren. Ik zal er eens een paar polsen…

    Hartelijke groet,

    Nico

  9. Beste Nico,

    Bedankt voor de prachtige vertalingen van MacFarlane’s boeken (ik heb ze alle drie). Ik zou graag The Sunlit Summit willen toevoegen aan het verlanglijstje voor mogelijke vertalingen (na The Living Mountain).

    Vriendelijke groet,

    Yde

  10. Dag Yde,

    Dank voor het compliment, dat ik, in het geval van De oude wegen, aan co-vertaalster Marijke Versluys zal doorgeven. Ik heb The Sunlit Summit niet gelezen, maar ga dat zeker doen. Goed dat je het bij me in herinnering hebt gebracht, want sinds ik het fraais heb vertaald dat Macfarlane in De laatste wildernis over W.H. Murray heeft geschreven, heb ik nauwelijks meer aan hem teruggedacht. Shame on me, want het is zo´n hartverscheurend verhaal.

    Groet,

    Nico

Antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*