In de achteruitkijkspiegel van het vak

Nergens vind je vermeld dat vertalen ‘Het Oudste Beroep Ter Wereld’ is. De slang SPRAK en Eva was zo aardig om dat in het Edens om te zetten voor haar partner. Blijkens de reactie van haar persklaarmaker klopte haar vertaling want Hij was ziedend…..

Er zal toch verder onder de Ouden heel wat afgetranspireerd zijn rond communicatie. Neem nou meteen al die Trojaanse Oorlog: Grieken tegen ‘rabarber-sprekers’, maar Priamos kreeg toch maar mooi Hektors stoffelijk overschot van Achilles losgepraat!

Een worsteling op niveau trof ik aan in brief 9 van Seneca , waar hij zich erover beklaagt dat een kernbegrip van de Stoa, de apatheia, zo moeilijk eenduidig is weer te geven in het Latijn omdat het tot misverstanden aanleiding geeft:

‘We moeten wel in dubbelzinnigheid vervallen als we “apatheia” al te snel met één woord zouden willen weergeven en het “onaandoenlijkheid” [impatientia] zouden noemen; er zou immers het tegendeel onder begrepen kunnen worden van datgene wat wij willen aanduiden. Wij willen namelijk diegene aanduiden die in staat is verachting te koesteren voor de gevoeligheid voor welke tegenslag ook: maar je zult zien dat het opgevat wordt als diegene die geen enkele tegenslag kan verdragen.’

Vervolgens laat hij zijn correspondentievriend Lucilius nog met een ander vertaalprobleem zitten:

‘Bekijk nu zelf of het bevredigender is om dan te spreken van een “onkwetsbare geest” [invulnerabilem] of van “een geest die ontoegankelijk is voor leed” [extra omnem patientiam positum].’

Die toren van Babel heeft er wel ingehakt!
Moet er niet meer gebreid worden aan de geschiedenis van het ‘omduiden’ ?
Dit tot troost, leringhe ende… juist!

Download PDF

Tags:

  1. Een vertraagde reactie, maar met de klassieke talen nog diep weggezakt in mijn herinnering, vond ik het interessant te lezen dat de Romeinen al worstelden met het probleem dat je een begrip vaak niet één op één kunt vertalen. En hoe zit het bijvoorbeeld met het Griekse agapè? Dit voor het geval je nog een keer een vervolg gaat schrijven.

    Emmy

  2. Ik kijk met tussentijden in uw vertalingen en maak andere zielsverwanten daarop attent. Het staat op mijn bureaublad. Zelf ben ik altijd erg benieuw naar de mensen van 2 000 jaar geleden.
    Wat zeiden ze en wat deden ze. Wij in de Klundert noemen dat: wâ zeeje ze, en wâ deeje ze…..
    Seneca geeft daar een mooi inzicht in en u was zo aardig om zijn gedachten (middels de vertaling) toegankelijk te maken voor de ondergetekende oude veeboer.

    Bas den Bakker van 1928 uit de Klundert

  3. Bedankt, Bas, voor je reactie en ik hoop dat je nog veel jaren plezier mag hebben van Seneca !

    Ben Bijnsdorp

Antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*